Art. 81 lid 1 RO. Verzekeringsrecht. Aansprakelijkheidsverzekering. Buitengerechtelijke erkenning aansprakelijkheid door assuradeur, gevolgd door betaling voorschot aan benadeelde. Kon assuradeur van die erkenning terugkomen na onderzoek naar toedracht, voorlopig getuigenverhoor en deelgeschilprocedure (art. 1019w Rv)?
1. NATIONALE-NEDERLANDEN SCHADEVERZEKERING MAATSCHAPPIJ N.V., gevestigd te Den Haag,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. N.T. Dempsey,
2. [verweerder 2] , als de (enige) erfgenaam van [betrokkene 1] , wonende te [woonplaats] ,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres], Nationale-Nederlanden en [verweerder 2].
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C/09/431869/HA ZA 12-1371 van de rechtbank Den Haag van 3 juli 2013 en 6 november 2013;
b. het arrest in de zaak 200.142.220/01 van het gerechtshof Den Haag van 13 december 2016.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Nationale-Nederlanden heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
Tegen [verweerder 2] is verstek verleend.
De zaak is voor Nationale-Nederlanden toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 1 maart 2018 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Nationale-Nederlanden begroot op € 2.672,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiseres] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan, en aan de zijde van [verweerder 2] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, M.V. Polak, C.E. du Perron en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 20 april 2018.
De gegevens worden opgehaald
Hulp bij zoeken
Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar voor het zoeken naar uitspraken, met onder andere uitleg over: