3.1
In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.
( i) [Cliënt] is oprichter en eigenaar van een grote jeansketen met 80 winkels in binnen- en buitenland. Daarnaast koopt hij in privé winkelpanden, die hij vervolgens verhuurt.
(ii) In het voorjaar van 2008 was [Cliënt] voornemens zes winkelpanden te kopen, voor een totale koopsom van € 5.854.207,--. [Cliënt] benaderde met het oog op het verkrijgen van een additionele lening zijn vaste contactpersoon bij ING Real Estate Finance N.V. (hierna: ING REF).
(iii) ING REF stelde als voorwaarde voor het verstrekken van de nieuwe lening dat het renterisico op de nieuwe en de bestaande geldleningen (met een gezamenlijke waarde van € 13,534 miljoen) voor een bedrag van € 6,75 miljoen zou worden afgedekt.
(iv) Op 7 april 2008 heeft ING Bank N.V. (hierna: ING) voor [Cliënt] een presentatie over risicomanagement gehouden. Het daarbij gebruikte schriftelijke materiaal geeft een beknopte omschrijving van verschillende rente-afdekkings-instrumenten, te weten de Interest Rate Swap (hierna ook: renteswap), de CAP (een renteoptie waarmee tegen betaling van een premie de maximale rente beperkt wordt tot een vooraf vastgelegd percentage) en de RenteVastlening.
Onder het kopje “1. Keuze rente-afdekkinginstrument” is over de renteswap vermeld:
“Met de IRS legt u zich vast voor een kapitaalmarkt looptijd
Een vaste calculatie van uw financieringslast is mogelijk (= Fixatie) naar keuze”
Onder het kopje “3. Maatwerkoplossing” worden de volgende voor- en nadelen van de renteswap genoemd:
“Voordelen:
- Eenvoudig veranderen van een rentestructuur » variabele financiering wordt fixe financiering
- Flexibiliteit t.a.v. ingangsdatum en cash-flowschema
» U kiest zelf de ingangsdatum van de swap
» De swapstructuur kan naadloos worden aangesloten op de onderliggende financiering
- Bij tussentijds openbreken kan een opbrengst worden verkregen » contante waarde
- Transparantie via www.ingotcr.com over contante waarde
Nadelen:
- Geen mogelijkheid om te profiteren van een relatief
lage geldmarktrente (Euribor); de rente is immers gefixeerd”
Onder het kopje “5. Samenvatting” is onder meer het volgende opgenomen:
“□ Rentederivaten zijn flexibel; elk schema, elke ingangsdatum etc kan bestaan,
□ Rentederivaten zijn GEEN kredietverlening; (...),
□ Rentederivaten zijn vrij van overige kosten: % = %, premie = premie,
□ Nu de rente laag en invers is, is overstappen naar een vaste rente aantrekkelijk,
□ Bij de verkoop van Rentederivaten hebben wij een Zorg- en Informatieplicht; de AFM houdt hier nadrukkelijk toezicht op”
( v) Op 16 april 2008 hebben [Cliënt] en ING een “Raamovereenkomst inzake niet-beursverhandelde derivaten (Niet professionelen)” gesloten (hierna: de raamovereenkomst). De raamovereenkomst bevat algemene bepalingen die van toepassing zijn op alle transacties die tussen ING Bank en de cliënt, in dit geval [Cliënt] , worden gesloten in niet-beursverhandelde derivaten. Bij de raamovereenkomst heeft [Cliënt] ook een zogenoemde Product Kaart - Interest Swap (hierna: de productkaart) ontvangen. De productkaart bevat onder andere de volgende tekst:
“Wat is een Interest Rate Swap?
Een Interest Rate Swap (swap) is een instrument dat gebruikt kan worden om het renterisico op bestaande en toekomstige financieringen beheersbaar te maken. Een swap stelt een onderneming in staat om eenvoudig de rentetypische looptijd van een financiering te wijzigen zonder dat de onderliggende lening hiervoor veranderd hoeft te worden. Een swap wordt vaak in combinatie met een nieuwe (variabele) lening toegepast.
(…)
Belangrijkste Product Kenmerken:
• Aanwezig in de meest gangbare valuta’s (o.a. EUR,
GBP, CHF, USD).
• Minimale hoofdsom (equivalent van) Euro 1 miljoen.
• Gangbare looptijden vanaf 1 jaar tot 10 jaar.
• Een swap is een los verhandelbaar financieel contract. Het staat los van de onderliggende lening.
(…)
Voordelen
• Een swap is een maatwerkproduct en kan wat betreft “reken” hoofdsom, ingangsdatum en onderliggende looptijd precies gekoppeld worden aan de behoefte van de gebruiker. Aflossings- en opnameschema’s zijn mogelijk.
• Met een swap is het eenvoudig om van rentetypische looptijd te veranderen
• Met een swap is het mogelijk om toekomstige rente exposure per heden te sturen (hedgen). Per heden is het mogelijk om een swaptarief voor een toekomstige financiering af te spreken.
• Een swap kan eenvoudig worden afgewikkeld. Dit gebeurt middels een verrekening van de contante waarde van de swap. Deze kan negatief (boeterente) of positief (opbrengst) zijn.
Risico's
De componenten die de prijs van een swap bepalen, zoals looptijd, rente en vraag en aanbod op de kapitaalmarkten, zijn gedurende de looptijd aan veranderingen onderhevig. Koersen kunnen fluctueren. Eén en ander betekent dat de prijs zoals die in de markt geldt voor de transacties gedurende de looptijd kan verschillen van de prijs die is afgesproken bij het aangaan van de betreffende transactie. Naarmate het tijdsverloop tussen het moment van aangaan en het nakomen van de aangegane verplichting groter is, is dit risico groter. Desalniettemin kunnen de bovenomschreven typen transacties een uitstekend hulpmiddel zijn om de risico’s die voortvloeien uit uw normale bedrijfsvoering te beheersen.
(…)
Zekerheden
ING Bank dient erop toe te zien dat cliënten die posities hebben in financiële instrumenten waaruit verplichtingen kunnen voortkomen, voortdurend over voldoende saldi beschikken om aan hun actuele verplichtingen te kunnen blijven voldoen. Hierover maken u en ING Bank samen zogenaamde “margin” afspraken. Indien er door marktomstandigheden een margintekort dreigt te ontstaan, zal ING Bank u onverwijld hierover schriftelijk informeren. Indien zich daadwerkelijk een tekort voordoet, dient u maatregelen te nemen om dit tekort ongedaan te maken bijv. door het stellen van additionele zekerheden. Bij het in gebreke blijven met het tijdig aanzuiveren van het geconstateerde margintekort zal de bank noodgedwongen overgaan tot het eenzijdig sluiten van de ingenomen posities.”
(vi) Gelijktijdig met het afsluiten van de raamovereenkomst hebben ING en [Cliënt] een overeenkomst ‘Allowancefaciliteit OTC-derivaten transacties’ ten bedrage van maximaal € 700.000,-- gesloten. Deze overeenkomst bevat onder meer de volgende passages:
“2.1 Onder de volgende voorwaarden en bedingen zal de Bank aan de Kredietnemer vanaf de datum van ondertekening van deze overeenkomst een faciliteit ter beschikking stellen ten bedrage van maximaal € 700.000 (…), waarover hij kan beschikken voor het voldoen aan Marginverplichtingen voortvloeiende uit met de Bank ten behoeve van de normale bedrijfsuitoefening aangegane OTC‑derivatentransacties middels de blokkade van de met de Marginverplichtingen samenhangende bedragen onder deze faciliteit.
2.2
De faciliteit kan te allen tijde (gedeeltelijk) door de Kredietnemer of de Bank worden opgezegd. Door de opzegging eindigt terstond de mogelijkheid om aan de Marginverplichtingen te voldoen door de blokkade daarvan onder deze faciliteit.
Bij opzegging is de Kredietnemer gehouden onmiddellijk ten genoegen van de Bank zekerheid te stellen ter securering van de (betalings)verplichtingen verband houdende met de OTC-derivaten transacties zoals bedoeld in deze overeenkomst.”
(vii) ING REF heeft een aantal offertes aan [Cliënt] uitgebracht voor een nieuwe lening van € 5.250.000, steeds tegen het 3-maands Euribortarief. Alle offertes bevatten voorts onder andere de volgende tekst:
“Het renterisico op onderhavige geldlening en de bestaande geldleningen bij ING Real Estate Finance N.V. ten name van de geldnemer zal voor een leningbedrag ad minimaal EUR 6.750.000,00 ingedekt dienen te worden, bijvoorbeeld door middel van een derivatenovereenkomst bij ING Bank N.V.”
De door ING overgelegde offerte van 18 april 2008 is door [Cliënt] ondertekend en wordt door partijen gezien als de leningovereenkomst. De rente is het 3-maands Euribortarief verhoogd met een opslag van 0,83%. Het totaalbedrag aan leningen van ING aan [Cliënt] bedroeg daarmee € 13,534 miljoen (€ 8,284 miljoen bestaand en € 5,25 miljoen nieuw).
(viii) Op 22 april 2008 is tussen [Cliënt] en ING een renteswapovereenkomst gesloten voor een bedrag van € 10 miljoen en een vaste rente van 4,45%. De einddatum van de renteswap is 1 mei 2015. Met de renteswap overeenkomst ruilt (swapt) [Cliënt] de variabele 3-maands Euriborrente op dit bedrag van € 10 miljoen, dat een gedeelte is van de van ING REF geleende hoofdsom, te weten € 10 miljoen, tegen een vaste rente van 4,45%.
(ix) ING heeft [Cliënt] in kennis gesteld dat zij hem in het kader van de Markets in Financial Instruments Directive heeft ingedeeld in de categorie niet-professionele cliënten. ING heeft geen uitgebreid cliëntprofiel van [Cliënt] opgesteld en ook geen geschiktheidstoets uitgevoerd.
(x) Na afloop van de hiervoor onder (vii) genoemde leningovereenkomst hebben ING REF en [Cliënt] in april 2009 een nieuwe leningovereenkomst met een looptijd van één jaar gesloten tegen een 3-maands Euribortarief en een debetrenteopslag van 1,60%, in april 2010 gewijzigd in een opslag van 1,95% en in april 2011 in een opslag van 1,85%.
(xi) ING REF is in 2010 gefuseerd met ING.
(xii) Op 23 februari 2011 hebben ING en [Cliënt] een nieuwe overeenkomst ‘Allowancefaciliteit OTC-derivaten transacties’ gesloten. De allowancefaciliteit die ING ter beschikking stelt, bedraagt maximaal € 1.700.000,--. In september 2012 heeft ING de allowancefaciliteit verlaagd naar € 1.350.000,--.
(xiii) Op 16 februari 2012 heeft ING [Cliënt] geïnformeerd over de beoogde verhoging van de opslag naar 3,04% bij de door ING verstrekte geldlening. Kort daarna is [Cliënt] op zoek gegaan naar een andere bank, stellend dat hij zich door ING misleid voelde vanwege de verhoging van de rente-opslag. Op 23 april 2012 heeft [Cliënt] aan ING meegedeeld dat hij alle lopende geldleningen met ingang van 1 juli 2012 wenste af te lossen en dat hij in gesprek was met een andere bank over de herfinanciering van deze leningen. Vanaf begin mei 2012 zijn concrete opties voor de aflossing van de bestaande leningen met ING besproken. Op 25 juni 2012 heeft ING meegedeeld dat [Cliënt] de lopende geldleningen pas kan beëindigen als hij voor de nakoming van de marginverplichtingen uit hoofde van de swap aanvullende zekerheden stelt voor een bedrag van € 1,35 miljoen.
(xiv) Bij brief van 27 juni 2012 heeft [Cliënt] ING geïnformeerd over zijn ongenoegen over de gang van zaken en heeft hij de renteswap buitengerechtelijk vernietigd.
3.2.1
[Cliënt] vordert in dit geding, na wijziging van eis in hoger beroep, en voor zover in cassatie van belang, een verklaring voor recht dat de renteswapovereenkomst buitengerechtelijk is vernietigd op grond van bedrog, althans dwaling, althans misbruik van omstandigheden, en veroordeling van ING tot (terug)betaling van alle onder de renteswap betaalde bedragen, alsmede tot betaling van (i) de wettelijke rente over het bedrag dat als margin is gestort, (ii) € 88.123,-- ter zake van door ING veroorzaakte vertraging in de aflossing van de geldleningen van [Cliënt] , (iii) € 766,-- voor notariskosten ter verstrekking van een tweede hypotheekrecht tot zekerheid voor de renteswap en (iv) de kosten ter vaststelling van de aansprakelijkheid en de schade.
3.2.2
De rechtbank heeft de vorderingen van [Cliënt] afgewezen.
3.2.3
Het hof heeft in zijn arrest van 15 september 2015 (hierna: het tweede tussenarrest) het volgende geoordeeld.
Op grond van art. 6:228 BW is een overeenkomst die tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten vernietigbaar, indien de wederpartij in verband met hetgeen zij omtrent de dwaling wist of behoorde te weten, de dwalende had behoren in te lichten. Uitgangspunt bij de beoordeling van deze vordering is dat ING die inlichtingen moest verschaffen, die zij, gelet op de aard van de overeenkomst naar de in het verkeer geldende opvattingen in gevallen als de onderhavige behoorde te verstrekken om te voorkomen dat [Cliënt] omtrent die essentiële eigenschappen van de overeenkomst zou dwalen. (rov. 3.5)
Van een gemiddeld geïnformeerde, omzichtig en oplettend handelende klant mag in een geval als dit worden verwacht dat hij de door hem ondertekende stukken zorgvuldig doorleest en, zo de inhoud daarvan hem niet geheel duidelijk is, aan de bank om opheldering vraagt. De klant heeft namelijk ook een onderzoeksplicht, hetgeen inhoudt dat hij – binnen redelijke grenzen – pogingen moet doen om zo daar behoefte aan is duidelijkheid te krijgen. (rov. 3.7)
De presentatie van ING over renterisicomanagement en de stukken die ING aan [Cliënt] heeft verstrekt, bevatten geen informatie over de met een renteswap gepaard gaande marginverplichtingen en allowancefaciliteit. Zij geven ook geen informatie over de potentiële omvang van de marginverplichtingen en de relatie tussen de daling van het 3-maands Euribortarief en de stijging van de marginverplichtingen. Uit de genoemde stukken blijkt evenmin dat de allowancefaciliteit ertoe strekt [Cliënt] een krediet te verschaffen ten laste waarvan ING de marginverplichtingen van [Cliënt] boekt. ING heeft daarover ook overigens geen voorlichting aan [Cliënt] gegeven. (rov. 3.9 en 3.10)
ING is dan ook in haar informatieplicht tekortgeschoten. Er wordt in de documentatie alleen in algemene termen over zekerheden en margin gesproken. Er wordt niet duidelijk beschreven hoe de renteswap uitwerkt indien het Euribortarief (sterk) daalt, en welke functie de allowancefaciliteit daarbij vervult. De allowancefaciliteit die ING in het leven heeft geroepen om te voldoen aan de marginverplichtingen is een kredietfaciliteit, waarvoor ook de gestelde hypothecaire zekerheden kunnen worden uitgewonnen. ING had [Cliënt] daarover moeten informeren. Voorts is van belang dat de marginverplichtingen ook zijn bedoeld om cliënten bewust te maken van de meer verborgen en niet actuele financiële risico’s van dit soort producten. ING had niet mogen volstaan met de summiere schriftelijke informatie en had het belang en de functie van de allowancefaciliteit niet mogen bagatelliseren door die faciliteit als een formaliteit weg te zetten. Bovendien moet worden aangenomen dat als gevolg van de allowancefaciliteit van € 1,7 miljoen, die bovenop de financiering van ruim € 13,5 miljoen komt, het risicoprofiel van [Cliënt] is verslechterd en dat dit heeft geleid tot een extra verhoging van de debetrentetoeslag. Ook daarop had ING [Cliënt] moeten wijzen. (rov. 3.11)
De renteswapovereenkomst is onder invloed van dwaling tot stand gekomen. (rov. 3.13)
[Cliënt] heeft de renteswapovereenkomst op goede gronden wegens dwaling buitengerechtelijk vernietigd. Dit betekent dat partijen zonder rechtsgrond hebben gepresteerd en wederzijds een vordering uit hoofde van onverschuldigde betaling hebben verkregen als bedoeld in art. 6:203 BW. (rov. 3.18-3.19)
De prestatie van ING, bestaande in het gedurende de looptijd van de renteswapovereenkomst voor haar rekening nemen van het risico dat het Euribortarief hoger wordt dan de swaprente, kan naar haar aard niet ongedaan gemaakt worden (art. 6:210 lid 2 BW). Niet is komen vast te staan dat [Cliënt] bij afwezigheid van de dwaling in het geheel niet zou hebben gecontracteerd. Het hof acht het redelijk het (rente)bedrag dat [Cliënt] aan ING verschuldigd zou zijn geworden uit hoofde van de renteafdekkingsvariant die het beste bij de positie van [Cliënt] paste (rentevastlening of rentecap), in aanmerking te nemen als de aan ING te vergoeden waarde. Dat bedrag komt dan in mindering op het bedrag dat [Cliënt] in totaal aan swaprente heeft betaald, waarbij rekening wordt gehouden met eventuele verhogingen of verlagingen op grond van verschuldigde (rente)opslagen. (rov. 3.21)
Het hof heeft partijen in de gelegenheid gesteld om zich bij akte uit te laten over (de kosten van) de variant die het beste bij de positie van [Cliënt] zou hebben gepast en de door het hof uiteengezette (wijze van) berekening van de onverschuldigd betaalde bedragen. (rov. 3.23)
In zijn arrest van 15 november 2016 (hierna: het derde tussenarrest) heeft het hof geoordeeld dat een rentevastlening met een rentevastperiode van zeven jaar het beste bij [Cliënt] zou hebben gepast. (rov. 2.5-2.6)
Voorts heeft het hof partijen in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de wijze waarop het hof het bedrag heeft begroot dat [Cliënt] (per saldo) onverschuldigd aan ING heeft betaald. (rov. 2.20)
Bij eindarrest van 19 december 2017 heeft het hof het vonnis van de rechtbank vernietigd, voor recht verklaard dat de renteswapovereenkomst op grond van dwaling buitengerechtelijk is vernietigd, en ING veroordeeld om aan [Cliënt] te betalen € 919.927,-- uit hoofde van onverschuldigde betaling, € 88.123,-- en € 766,-- uit hoofde van schadevergoeding en € 7.846,85 ter zake van kosten van een deskundige.