tot het vervallen verklaren van het arrest van de Hoge Raad van 10 mei 2019, nr. 19/01526, ECLI:NL:HR:2019:706, gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de beslissing van het Gerechtshof Den Haag van 31 juli 2019, nr. 000977-18.
1 Grond voor de vervallenverklaring
1.1
Bij brief van 2 mei 2019 is aan belanghebbende meegedeeld dat op vrijdag 10 mei 2019 uitspraak zal worden gedaan in de procedure met zaaknummer 19/01526. Tevens is daarin vermeld dat de beslissing wordt genomen door de leden J. Wortel, A.F.M.Q Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools.
1.2
Bij op 10 mei 2019 door de Hoge Raad ontvangen verzoekschrift heeft belanghebbende de wraking verzocht van de raadsheren Beukers-van Dooren en Cools.
1.3
Bij het doen van de hiervoor in 1.1. genoemde uitspraak was nog niet op dat verzoek beslist. Daarom moet het arrest van 10 mei 2019, nr. 19/01526, ECLI:NL:HR:2019:706, vervallen.
2 Beslissing
De Hoge Raad:
- verklaart het arrest van de Hoge Raad van 10 mei 2019, nr. 19/01526, vervallen, en
- bepaalt dat het geding wordt aangehouden totdat de Vierde Kamer van de Hoge Raad op het verzoek tot wraking heeft beslist.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 18 oktober 2019.
De gegevens worden opgehaald
Hulp bij zoeken
Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar voor het zoeken naar uitspraken, met onder andere uitleg over: