vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
zaaknummer: 6338028 TB EXPL 17-3308
vonnis van: 30 januari 2018
vonnis van de kantonrechter
de naamloze vennootschap Zilveren Kruis Zorgverzekeringen N.V.
gevestigd en kantoorhoudende te Utrecht
eiseres
nader te noemen: Zilveren Kruis
gemachtigde: GGN Mastering Credit Rotterdam
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde
nader te noemen: [gedaagde]
gemachtigde: mr. R.A. Dayala
VERDER VERLOOP VAN DE PROCEDURE
Bij tussenvonnis van 21 november 2017 is een verschijning van partijen ter terechtzitting bevolen. Vervolgens heeft Zilveren Kruis een akte met producties genomen. De zitting heeft plaatsgevonden op 9 januari 2018. Voor Zilveren Kruis is ter zitting verschenen M.T.O Bakker (GGN). [gedaagde] is ter zitting verschenen, vergezeld door zijn gemachtigde.
De zaak staat thans weer voor vonnis.
Feiten, vordering en verweer
1. Voor de feiten, de vordering en het verweer wordt verwezen naar het hiervoor genoemde tussenvonnis.
2. Zilveren Kruis heeft ter zitting haar vordering verminderd tot € 975,00.
3. Na verder debat ter zitting heeft [gedaagde] de tot het bedrag € 975,00 verminderde vordering alsnog erkend. [gedaagde] heeft Zilveren Kruis verzocht een betalingsregeling te treffen.
Beoordeling
4. Aan onderhavige zaak is een procedure bij de stichting e-court voorafgegaan met betrekking tot de zelfde vordering. [gedaagde] heeft daartoe een oproep/sommatie ontvangen op 17 juli 2017. Daarin is vermeld dat het e-mailadres van [gedaagde] onbekend is, dat zodra het procesdossier bij e-court is geopend [gedaagde] per e-mail een inlogcode ontvangt van e-court. Als [gedaagde] deze niet heeft ontvangen dient hij deze zelf uiterlijk binnen 3 weken na dagtekening van deze sommatie/oproeping aan te vragen. Als het e-mailadres onbekend is dient dit direct te worden gemeld bij e-court . Als [gedaagde] in de eerste week van de procedure geen verweer voert wordt de vordering bij verstek toegewezen. [gedaagde] had het recht om gedurende de termijn van een maand te kiezen voor behandeling door de kantonrechter in plaats van e-court. Op 1 augustus 2017 heeft de gemachtigde van [gedaagde] van dat recht gebruik gemaakt en namens hem bericht niet akkoord te gaan met een procedure bij e-court en te kiezen voor een procedure bij de kantonrechter. Op 4 augustus 2017 heeft de deurwaarder bevestigd dat de oproep werd ingetrokken en [gedaagde] niet bij e-court hoefde te verschijnen. Daarna is [gedaagde] gedagvaard op 18 augustus 2017 voor de kantonrechter.
5. Ondanks het voorgaande heeft e-court op 29 september 2017 bij verstek uitspraak gedaan tussen partijen. Daarin is vermeld dat de procedure is gestart op 25 september 2017 en dat [gedaagde] geen verweer heeft gevoerd hoewel daartoe in de gelegenheid gesteld. [gedaagde] is veroordeeld tot betaling van € 1.890,33, inclusief proceskosten. In het vonnis van e-court is ten onrechte slechts rekening gehouden met 2 deelbetalingen van € 204,22 in plaats van het in de sommatie vermelde bedrag van € 824,47 aan ontvangen betalingen. Op 5 oktober 2017 heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Almelo verlof verleend voor de tenuitvoerlegging van het arbitrale vonnis van e-court. Op 8 november 2017 is het vonnis van e-court aan [gedaagde] betekend. [gedaagde] heeft daarna een dagvaarding uitgebracht met daarin een vordering tot herroeping dan wel vernietiging van het vonnis van e-court op de voet van artikel 1065 jo. 1068 Rv.
6. Tijdens de comparitie van partijen hebben partijen de volgende afspraken gemaakt.
Zilveren Kruis heeft toegezegd dat zij het hiervoor vermelde arbitrale vonnis van e-court van Zilveren Kruis niet ten uitvoer zal leggen en dat zij daarvan afstand doet. [gedaagde] heeft ter zitting toegezegd dat hij de dagvaarding inzake herroeping/vernietiging van het arbitraal vonnis niet zal aanbrengen bij het Hof. Daarmede is de kantonrechter bevoegd om de zaak te behandelen en vonnis te wijzen als hieronder bepaald. [gedaagde] heeft zich bereid verklaard tot betaling van de vordering zoals hieronder vermeld. Zilveren Kruis zal [gedaagde] afmelden bij het CAK.
7. De erkenning van de vordering door [gedaagde] brengt mee dat de gevorderde hoofdsom wordt toegewezen.
8. Partijen zijn ten slotte overeengekomen dat de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd.
9. Op verzoek van [gedaagde] en met instemming van Zilveren Kruis is ter zitting de volgende betalingsregeling overeengekomen. [gedaagde] zal een totaalbedrag van € 975,00 aan Zilveren Kruis betalen in 13 maandelijkse termijnen van € 75,00.
10. Genoemde termijnen dienen betaald te worden door overschrijving op rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [naam] te [plaats] . De eerste maandelijkse termijn zal [gedaagde] uiterlijk 1 maart 2018 voldoen en iedere volgende termijn telkens uiterlijk een maand nadien.
11. [gedaagde] wordt op deze manier in de gelegenheid gesteld vrijwillig aan de veroordeling in dit vonnis te voldoen. Voorwaarde daarbij is dat [gedaagde] naast de aflossing van de schuld de maandelijks verschuldigde premiebedragen stipt blijft betalen. Daarbij geldt dat indien [gedaagde] deze betalingsregeling niet nakomt, deze regeling als vervallen moet worden beschouwd en dat Zilveren Kruis het recht heeft dit vonnis voor het nog openstaande bedrag ten uitvoer te leggen.
BESLISSING
veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Zilveren Kruis van:
compenseert de proceskosten tussen partijen;
bepaalt dat Zilveren Kruis aan dit vonnis geen rechten kan ontlenen, indien en zolang [gedaagde] de hiervoor weergegeven betalingsregeling nakomt en tevens aan de lopende betalingsverplichtingen blijft voldoen;
verklaart de veroordeling uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Aldus gewezen door mr. M.E.B. Terwee, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 januari 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter