5 BEWEZENVERKLARING
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat:
1.
[BV 1] en [BV 2] en [BV 3]
op tijdstippen in de periode 20 april 2009 tot en met
31 juli 2013 te Nederland, telkens opzettelijk bij de Belastingwet voorziene aangiften, als
bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen,
te weten een groot aantal elektronische aangiften voor de omzetbelasting, waaronder
ten name van [BV 1] over het
- eerste kwartaal 2009 en
- derde kwartaal 2011 en
- tweede kwartaal 2013 en
ten name van [BV 2] over het
- eerste kwartaal 2009 en
- derde kwartaal 2011 en
- tweede kwartaal 2013 en
ten name van [BV 3] over het
- eerste kwartaal 2009 en
- derde kwartaal 2011 en
- tweede kwartaal 2013
onjuist heeft gedaan,
immers hebben die bv’s telkens opzettelijk op aan de
Belastingdienst te Apeldoorn gezonden aangiftebiljetten
omzetbelasting over genoemde perioden, bij de vraag totaal
omzetbelasting een te laag bedrag opgegeven,
terwijl dat feit telkens er toe strekte dat te weinig belasting werd geheven
aan welk bovenomschreven strafbare feiten hij, verdachte, telkens feitelijk leiding heeft gegeven;
De in deze tenlastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover
daaraan in de Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalde betekenis is
gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd.
hij op tijdstippen in of omstreeks november en december 2010 te
Rhenen, telkens opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse
rapporten inzake de jaarrekeningen 2009 en jaarrekeningen 2009 van [BV 4] en
van [BV 3] en van [BV 5],
- elk zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te
dienen - als ware die geschriften echt en onvervalst, terwijl uit dat
gebruik enig nadeel kon ontstaan,
bestaande dat gebruikmaken hierin dat die rapporten en jaarrekeningen
werden aangeboden aan de ABNAMRO bank ten behoeve van voortgang van de
kredietverstrekking aan die bv’s en bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat op die rapporten en de aanbiedingsbrief bij die jaarrekeningen vermeld
staat dat zij behandeld en/of verstuurd zijn door [B] en/of [C]
, beiden werkzaam bij [bedrijfsnaam].
Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
10 BESLISSING
Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.
Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.
Strafbaarheid
Het bewezen verklaarde levert op:
Feit 1: feitelijk leiding geven aan opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen, terwijl het feit er toe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, door een rechtspersoon, meermalen gepleegd.
Feit 2: opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift als bedoeld in
artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het
echt en onvervalst, meermalen gepleegd.
Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar.
Verklaart verdachte strafbaar.
- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 16 (zestien) maanden;
- bepaalt dat deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat de verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde niet heeft nageleefd;
- stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast;
- stelt als algemene voorwaarde dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 240 (tweehonderdveertig) uren;
- beveelt dat voor het geval de verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis;
- bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de taakstraf in mindering zal worden gebracht, berekend naar de maatstaf van 2 (twee) uren taakstraf per dag.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.H.M. Druijf, voorzitter, mr. drs. S.M. van Lieshout en
mr. R.C. Moed, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. Rigter griffier, en is uitgesproken
op de openbare terechtzitting van 30 augustus 2017.
Mr. drs. S.M. van Lieshout is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage: de tenlastelegging
Aan verdachte wordt, na wijziging van de tenlastelegging die hierna cursief is weergegeven, ten laste gelegd dat:
[BV 1] en/of [BV 2] en/of [BV 3]
op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 20 april 2009 t/m 31
juli 2013 te Rhenen en/of Apeldoorn en/of elders in Nederland,
tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen
(telkens) opzettelijk (een) bij de Belastingwet voorziene aangifte(n), als
bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen,
te weten (een) groot aantal (elektronische) aangifte(n) voor de omzetbelasting, waaronder
ten name van [BV 1] over het
- eerste kwartaal 2009 (D-032blz 6) en/of
- derde kwartaal 2011 (D-032blz 16) en/of
- tweede kwartaal 2013 (D-032blz 23) en/of
ten name van [BV 2] over het
- eerste kwartaal 2009 (D-032blz29) en/of
- derde kwartaal 2011 (D-032blz39) en/of
- tweede kwartaal 2013 (D-032blz46) en/of
ten name van [BV 3] over het
- eerste kwartaal 2009 (D-032blz75) en/of
- derde kwartaal 2011 (D-032blz85) en/of
- tweede kwartaal 2013 (D-032blz92)
onjuist en/of onvolledig heeft gedaan,
immers heeft/hebben die bv's, tezamen en in vereniging met (een) ander(en),
althans alleen
(telkens) opzettelijk op het bij/aan de Inspecteur der belastingen of de
Belastingdienst te Apeldoorn ingeleverde/gezonden aangiftebiljet(ten)
omzetbelasting over genoemd(e) periode(n), bij (de vraag) totaal
omzetbelasting een negatief bedrag, althans (telkens) een te laag en/of
onjuist bedrag opgegeven,
terwijl dat feit (telkens) er toe strekte dat te weinig belasting werd geheven
aan welk bovenomschreven strafbare feit(en) hij, verdachte, tezamen en in
vereniging met (een) ander(en)
(telkens) feitelijk leiding en/of opdracht heeft gegeven;
De in deze tenlastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover
daaraan in de Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalde betekenis is
gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;
art 68 lid 2 ahf/ond a Algemene wet inzake rijksbelastingen
art 69 lid 2 Algemene wet inzake rijksbelastingen
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks november en/of december 2010 te
Rhenen, in elk geval in Nederland
tezamen en in vereniging meet (een) ander(en), althans alleen
(telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een) vals(e) of vervalst(e)
rapport(en) inzake de jaarrekening(en) 2009 en/of jaarrekening(en) 2009
van [BV 4] (D012blz 2 t/m blz 14) en/of
van [BV 3] (D013blz 4 t/m 16) en/of
van [BV 5] (D013blz 30 t/m 46),
- ( elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te
dienen - als ware dat/die geschrift(en) echt en onvervalst, terwijl uit dat
gebruik enig nadeel kon ontstaan,
bestaande dat gebruikmaken hierin dat die/dat rapport(en) en/of jaarrekeningen
werd(en) aangeboden aan de ABNAMRO bank ten behoeve van voortgang van de
kredietverstrekking (aan die bv('s)) en
bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat op die rapport(en) en/of de
aanbiedingsbrief bij die jaarrekening(en) en/of die jaarrekening(en) vermeld
staat dat zij behandeld en/of verstuurd zijn door [B] en/of [C]
(beiden werkzaam bij [bedrijfsnaam]);
art 225 lid 2 Wetboek van Strafrecht