Arbeidsrecht. Verklaring voor recht dat de RIF Manual een regeling betreft in de zin van artikel 27 lid 1 sub e WOR. De COR is op grond van artikel 27 lid 5 WOR te laat met het inroepen van de nietigheid van het besluit tot intrekking van deze regeling.
verweersters allen statutair gevestigd te Amsterdam en kantoorhoudende te Schiphol hierna gezamenlijk te noemen: Honeywell
gemachtigde: mr. J.N. Huyzer
1 Het procesverloop
1.1.
De COR heeft op 17 juli 2020 een verzoekschrift ex artikel 36 Wet op de Ondernemingsraden (WOR) ingediend. Honeywell heeft op 25 september 2020 schriftelijk verweer gevoerd.
1.2.
Op 7 oktober 2020 heeft een zitting plaatsgevonden. Ter zitting hebben zowel de COR als Honeywell pleitaantekeningen overgelegd en voorgedragen. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van hetgeen partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht. Ter zitting heeft Honeywell haar bevoegdheidsverweer laten vallen. De COR heeft ter zitting verklaard dat haar verzoek zich enkel richt tot Honeywell Holding B.V.
2 De feiten
2.1.
Honeywell maakt deel uit van een internationaal concern. Zij drijft een onderneming die zich bezighoudt met het ontwikkelen van innovatieve systemen, producten en diensten voor automatiserings- en beveiligingsoplossingen in de industrie, woningen en gebouwen. Honeywell ontwikkelt onder meer producten voor de luchtvaart- en automobielindustrie. Honeywell heeft negen vestigingen in Nederland. De COR vertegenwoordigt op een enkele uitzondering na, alle aan deze vestigingen verbonden ondernemingsraden.
2.2.
Honeywell kent een intern netwerk, intranet. Onderdeel van intranet vormt Sharepoint. Hierop worden relevante regelingen voor werknemers geplaatst. Daarnaast kent het intranet van Honeywell een HR-direct pagina. Dit is een veelzijdige portal waarop werknemers kunnen inloggen om bijvoorbeeld hun loonstroken te raadplegen. Op deze pagina staan ook per land handleidingen. Een van de handleidingen op deze pagina is de RIF Manual Redundancy-policy (hierna: de RIF Manual). Deze dateert van 1 februari 2013, is gereviseerd op 1 juni 2013, en bevat een aantal basisregels in geval van reorganisatie en boventalligheid. In de regeling is opgenomen dat werknemers die voor ontslag in aanmerking komen een vergoeding ontvangen ter hoogte van de kantonrechtersformule. Aan de COR is ten tijde van het vaststellen en wijzigen van de RIF Manual geen instemming gevraagd.
2.3.
Op 11 maart 2015 heeft de bestuurder van Honeywell aan de COR, in het kader van een adviesaanvraag inzake een reorganisatie genaamd Finance Transformation, kenbaar gemaakt dat de kantonrechtersformule enkel voor boventallige werknemers geldt met wie vóór 1 juli 2015 een vaststellingsovereenkomst zou worden gesloten; werknemers die na 1 juli 2015 boventallig werden hadden recht op de transitievergoeding.
2.4.
De Ondernemingskamer heeft zich bij beschikking van 8 mei 2017 uitgelaten over het antwoord op de vraag of boventallige medewerkers bij Honeywell in 2017 aanspraak konden maken op de financiële regeling, zoals deze een aantal jaren voor de wetswijziging van 1 juli 2015 aan collega’s was aangeboden. De Ondernemingskamer heeft als volgt overwogen:
‘De Ondernemingskamer volgt de COR niet in zijn stelling dat de beëindigingsregeling onredelijk, althans onvoldoende gemotiveerd is gelet op het volgens de COR onredelijke en niet te rechtvaardigen verschil tussen de regeling in het bestreden besluit en de regeling in de reorganisatie van Finance in 2014/2015 voor boventallig geworden werknemers. Honeywell heeft zowel in de adviesaanvraag (zie hierboven onder 2.5), als in de brief aan de COR van 12 januari 2017 (zie hierboven onder 2.11) en in het besluit (zie hierboven 2.15) gemotiveerd toegelicht dat zij zich houdt aan de huidige wetgeving, dat deze wetgeving weliswaar leidt tot lagere ontslagvergoedingen dan de destijds gehanteerde kantonrechtersformule met factor c=i, maar dat zij daarnaast en onverplicht een outplacementtraject en vergoeding van juridische kosten aanbiedt aan werknemers die boventallig zullen worden verklaard.’
2.5.
Honeywell heeft als producties 7 tot en met 27 adviesaanvragen over de jaren 2015 – 2020 overgelegd waaruit volgt dat in alle reorganisaties die sinds 2015 aan de COR ter advies zijn voorgelegd voor wat betreft de aan boventallige werknemers uit te keren vergoeding aansluiting is gezocht bij de transitievergoeding.
2.6.
In 2019 heeft binnen Honeywell een reorganisatie plaatsgevonden, Project Clark, waarbij Honeywell na een medezeggenschapstraject met de COR besloten heeft de betrokken boventallige werknemers naast de transitievergoeding een aanvullend pakket toe te kennen (zoals een opleidingsbudget, een tekenbonus en de mogelijkheid om voor 1 december 2019 een vaststellingsovereenkomst te tekenen).
2.7.
Op 6 oktober 2019 heeft een vergadering plaatsgevonden waarbij onder meer HR Transformation Leader BLX, [naam] , en diverse COR-leden aanwezig waren. In deze vergadering heeft [naam] als agendapunt ingebracht, de herinrichting van het intranet. Gedurende de presentatie heeft zij het scherm van haar laptop gedeeld om zodoende de verschillende informatiebronnen op het intranet langs te gaan, waarbij verschillende tabbladen in HR Direct open stonden, waaronder ook de RIF Manual.
2.8.
Kort na de vergadering van 6 oktober 2019 heeft de voormalige voorzitter van de COR, die ook door de reorganisatie Project Clark werd getroffen, bij Honeywell aangegeven dat op HR Direct een policy – de RIF Manual – circuleerde, op grond waarvan hij aanspraak kon maken op een beëindigingsvergoeding gebaseerd op de kantonrechtersformule (in plaats van de transitievergoeding).
2.9.
Op 4 december 2019 is de RIF Manual van de HR direct pagina verwijderd.
2.10.
Bij brief van 30 december 2019 heeft de COR de nietigheid van het besluit tot intrekking van de RIF Manual ingeroepen.
3 Het verzoek
3.1.
De COR verzoekt de kantonrechter, om bij beschikking voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
voor recht te verklaren dat de RIF Manual een regeling op het gebied van ontslagbeleid is als bedoeld in artikel 27 lid 1 sub e WOR;
voor recht te verklaren dat het besluit om de RIF Manual te verwijderen van de interne bedrijfspagina nietig is;
Honeywell te verplichten om binnen twee dagen na dagtekening van de in deze te wijzen beschikking het besluit tot intrekking van de RIF Manual in te trekken en de gevolgen daarvan ongedaan te maken waaronder met terugwerkende kracht reeds ontslagen medewerkers alsnog een aanbod te doen conform deze Manual.
3.2.
Aan dit verzoek legt de COR ten grondslag dat – kort gezegd – de RIF Manual een regeling is zoals bedoeld in artikel 27 lid 1 sub e WOR. Voorts stelt de COR dat voor het verwijderen van de RIF Manual van het intranet instemming van de COR gevraagd had moeten worden. Honeywell heeft dat ten onrechte niet gedaan, zodat de COR terecht de nietigheid heeft ingeroepen. Ten aanzien van de tijdigheid stelt de COR dat zij pas op 4 december 2019 op de hoogte is geraakt van de gewijzigde regeling, waarna zij op 30 december 2019, aldus tijdig, de nietigheid van de intrekking heeft ingeroepen.
4 Het verweer
4.1.
Honeywell verweert zich tegen het verzoek. Op het verweer van Honeywell zal in de beoordeling worden ingegaan.
5 De beoordeling
5.1.
De vraag die in deze zaak voorligt is of de RIF Manual onder artikel 27 lid 1 WOR valt en Honeywell met het verwijderen van deze policy van de HR Direct pagina een nietig besluit heeft genomen.
5.2.
De aanleiding voor de onderhavige procedure vormt de vergadering op 6 oktober 2019 waarin diverse COR-leden de RIF Manual hebben opgemerkt en kort hierna de voormalige voorzitter van de COR, die tijdens de reorganisatie Project Clark als boventallig is aangemerkt, heeft aangegeven dat deze regeling hem aanspraak zou geven op een beëindigingsvergoeding op basis van de kantonrechtersformule.
5.3.
Partijen twisten allereerst over het antwoord op de vraag of sprake is van een regeling in de zin van de WOR. Honeywell stelt zich op het standpunt dat de RIF Manual niet onder artikel 27 lid 1 WOR valt, aangezien: (i) het een handleiding voor buitenlandse managers betreft, (ii) het document enkel in het Engels op HR direct is gepubliceerd en niet op SharePoint onder de kop ‘regelingen in de zin van de WOR’, (iii) de RIF Manual slechts een omschrijving van het Nederlandse arbeidsrecht in 2013 geeft, en (iv) de RIF Manual ook geen eenzijdig vastgesteld sociaal plan betreft.
5.4.
De kantonrechter stelt vast dat de RIF Manual gaat over het aanstellings-, ontslag- of bevorderingsbeleid en daarmee onder het bereik van de opgesomde onderwerpen van artikel 27 lid 1 sub e WOR valt. Verder oordeelt de kantonrechter dat de RIF Manual als een regeling kan worden aangemerkt omdat de RIF Manual beleid schetst met betrekking tot de uitstroom van personeel en dit beleid niet slechts voor één reorganisatie gold, zodat de RIF Manual kwalificeert als een besluit van algemene strekking dat ook betrekking heeft op ten minste een gedeelte van de personeelsleden. Het verzoek om voor recht te verklaren dat de RIF Manual een regeling is als bedoeld in artikel 27 lid 1 sub e WOR kan dan ook worden toegewezen.
5.5.
Honeywell heeft zich subsidiair op het standpunt gesteld dat de COR de nietigheid van het besluit tot intrekking te laat heeft ingeroepen. Dit verweer slaagt. Ter toelichting overweegt de kantonrechter als volgt.
5.6.
Op grond van artikel 27 lid 5 kon de COR een beroep doen op de nietigheid binnen een maand nadat hetzij Honeywell de COR haar besluit had meegedeeld, hetzij, bij gebreke van deze mededeling, de COR is gebleken dat Honeywell uitvoering of toepassing gaf aan haar besluit. Vaststaat dat Honeywell de COR geen mededeling heeft gedaan; zij was immers van mening dat er geen sprake was van het intrekken van een regeling in de zin van de WOR. Dat verklaart ook waarom zij bij de introductie van de RIF Manual geen instemming aan de COR heeft gevraagd.
5.7.
Dat betekent dat moet worden bezien wanneer het de COR is gebleken dat Honeywell het beleid uit de RIF Manual niet meer toepaste. Onweersproken is dat het ontslagbeleid binnen Honeywell (zoals bij de meeste werkgevers in Nederland) met de inwerkingtreding van de Wet Werk en Zekerheid (hierna WWZ) is gewijzigd. Onweersproken is dat vergoedingen overeenkomstig de kantonrechtersformule vanaf 1 juli 2015 niet meer zijn betaald door Honeywell, maar dat na 1 juli 2015 is aangesloten bij de transitievergoeding (zie de feiten 2.3). Vast staat dat de COR op geen enkel moment in aanloop naar, op of na 1 juli 2015 heeft gesteld dat toepassing van de transitievergoeding bij boventalligheid onjuist zou zijn in het licht van het ontslagbeleid op basis van de RIF Manual. In de procedures die tussen partijen hebben gespeeld is de RIF Manual niet ter sprake gekomen (zie de feiten 2.4). Ter zitting is eveneens vast komen te staan dat drie huidige COR-leden al sinds 2013 onderdeel van de COR uitmaken.
5.8.
Gelet op het voorgaande oordeelt de kantonrechter dat de COR al sinds de inwerkingtreding van de WWZ ervan op de hoogte is (geweest) dat Honeywell haar beleid ter zake te betalen ontslagvergoedingen bij reorganisatie zou wijzigen en ook heeft gewijzigd, in die zin dat Honeywell dat beleid in overeenstemming heeft gebracht met de WWZ. Over de wijziging van dat beleid heeft de Ondernemingskamer in 2017 geoordeeld. De COR wist aldus in ieder geval vanaf dat moment dat Honeywell geen ontslagvergoedingen meer betaalde overeenkomstig de kantonrechtersformule. Het verwijderen van de RIF Manual van de HR-Direct pagina in december 2019 kan niet anders worden gezien dan het administratief opschonen van het intranet door regelingen te verwijderen die niet (meer) pasten bij het per 1 juli 2015 geldende ontslagrecht en de daarbij behorende forfaitaire vergoedingen. Dat betekent dat de COR veel te laat is met het inroepen van de nietigheid, zodat de COR niet ontvankelijk zal worden verklaard in zijn verzoeken onder B en C.
5.9.
Omdat het subsidiaire verweer van Honeywell slaagt behoeven haar overige verweren geen bespreking.
5.10.
Op grond van artikel 22a WOR kan de ondernemingsraad niet in de proceskosten worden veroordeeld. Dit brengt mee dat Honeywell de door haar gemaakte proceskosten zelf dient te dragen.
6 De beslissing
De kantonrechter:
6.1.
verklaart voor recht dat de RIF Manual een regeling op het gebied van ontslagbeleid is als bedoeld in artikel 27 lid 1 sub e WOR;
6.2.
verklaart de COR in haar verzoeken onder B en C niet-ontvankelijk.
Deze beschikking is gewezen door mr. W. Aardenburg, kantonrechter en op 18 november 2020 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
De gegevens worden opgehaald
Hulp bij zoeken
Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar voor het zoeken naar uitspraken, met onder andere uitleg over: