Uitspraken

Een deel van alle rechterlijke uitspraken wordt gepubliceerd op rechtspraak.nl. Dit gebeurt gepseudonimiseerd.

Deze uitspraak is gepseudonimiseerd volgens de pseudonimiseringsrichtlijn

ECLI:NL:RBNNE:2018:4524

Rechtbank Noord-Nederland
07-11-2018
07-11-2018
7235165 AR VERZ 18-83
Civiel recht
Op tegenspraak,Beschikking

Verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst met hoofdredacteur toegewezen op grond van g.grond, duurzaam verstoorde verhouding binnen het managementteam.

Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2018-1257
VAAN-AR-Updates.nl 2018-1257

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht

Locatie Leeuwarden

zaak-/rolnummer: 7235165 AR VERZ 18-83

beschikking van de kantonrechter ex artikel 7:671b BW d.d. 7 november 2018

inzake

de stichting

STICHTING OMROP FRYSLÂN,

gevestigd te Leeuwarden,

verzoekende partij in de zaak van het verzoek,

verwerende partij in de zaak van het voorwaardelijk nevenverzoek,

gemachtigde: mr. P.H.F. Yspeert,

tegen

[verweerder] ,

wonende te [woonplaats] ,

verwerende partij in de zaak van het verzoek,

verzoekende partij in de zaak van het voorwaardelijk nevenverzoek,

gemachtigde: mr. H.E. Meerman.

Partijen zullen hierna "Omrop Fryslân" en " [verweerder] " worden genoemd.

1 Het procesverloop

1.1.

Omrop Fryslân heeft een verzoek ex artikel 7:671b BW (met producties) gedaan om de arbeidsovereenkomst tussen partijen te ontbinden, ingekomen ter griffie op 24 september 2018.

1.2.

[verweerder] heeft op 10 oktober 2018 een pleitnota in kort geding tevens verweerschrift ex artikel 7:671b BW met voorwaardelijk nevenverzoek (met producties) ingediend.

1.3.

Voorafgaand aan de zitting heeft Omrop Fryslân bij brief van 15 oktober 2018 nog aanvullende producties toegezonden.

1.4.

Op 17 oktober 2018 heeft een zitting plaatsgevonden, tegelijk met de mondelinge behandeling van het kort geding van [verweerder] tegen Omrop Fryslân (bij deze rechtbank geregistreerd onder zaak-/rolnummer 7210102 / CV EXPL 18-7271). Ter terechtzitting hebben partijen hun standpunten nader toegelicht, waarbij de gemachtigde van Omrop Fryslân gebruik heeft gemaakt van pleitnotities. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht.

1.5.

De beschikking is bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

Omrop Fryslân is de regionale omroep voor de provincie Fryslân. Zij verzorgt radio- en televisie-uitzendingen.

2.2.

[verweerder] , geboren op [geboortedatum] is met ingang van 1 april 2015 in dienst getreden bij Omrop Fryslân, in de functie van hoofdredacteur tegen een salaris van laatstelijk € 8.001,30 bruto per maand, exclusief eindejaarsuitkering, vakantiebijslag en overige emolumenten.

2.3.

Artikel 11 van de arbeidsovereenkomst bepaalt, voor zover van belang:

"1. Het is de hoofdredacteur, behoudens voorafgaande schriftelijke toestemming van de werkgever, verboden om zowel tijdens dienstverband als binnen één jaar na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst direct of indirect werkzaam te zijn voor zichzelf of voor anderen, dan wel direct of indirect financieel of anderszins betrokken te zijn bij activiteiten die liggen op het terrein van de werkzaamheden van de onderneming van de werkgever. Onder activiteiten die liggen op het terrein van werkgever dient in ieder geval te worden verstaan het verzorgen van regionale radio-uitzendingen, televisie-uitzendingen en een internetsite met betrekking tot de provincie Friesland en overige media en uitgeverijen."

2.4.

Het functioneren van [verweerder] is in 2015, 2016 en 2017 als conform de norm beoordeeld door de toenmalige directeur van Omrop Fryslân.

2.5.

Per 1 mei 2018 is mevrouw [Z 2] (hierna te noemen: [Z 2] ) door de Ried fan Kommissarissen (hierna: RfK) van Omrop Fryslân benoemd tot interim bestuurder, met als primaire opdracht om de eenheid in de organisatie te herstellen.

2.6.

[Z 2] vormt sinds haar benoeming samen met [verweerder] het managementteam van Omrop Fryslân.

2.7.

[Z 2] heeft op verzoek van de RfK een analyse van de organisatie van Omrop Fryslân d.d. 26 juni 2018 gemaakt en deze gedeeld met de RfK. In het kader van deze procedure is de analyse door Omrop Fryslân als nadere productie in het geding gebracht en aldus ter kennis van [verweerder] gekomen. In deze analyse staat onder meer vermeld:

"(…) Stijl van leidinggeven

Dat er wat moet veranderen binnen de omroep is iedereen duidelijk, met een totaal veranderend medialandschap en een ander mediagebruik is stilstand achteruitgang. Voor en over de richting van deze verandering is 'Omrop Boppe' geschreven. Dit is een brede algemene visie over welke richting het bedrijf uit zou moeten gaan. Het ontbreekt niet aan steun voor dit plan wel aan leiderschap om deze visie uit te dragen en gedragen te implementeren. De hoofdredacteur staat niet in zijn kracht en is vrij onzichtbaar voor de vloer. Het hoofd content die na een bijzondere procedure benoemd is, wordt gezien als de adjunct hoofdredacteur en is vaak in the lead. De hoofdredacteur delegeert veel aan het Hoofd Content, ook deze functie cq de invulling daarvan heeft een onduidelijke plaats in het organogram.

Er is een directieve stijl van leidinggeven, dit wordt versterkt door de eerder beschreven eilandencultuur en het lekken. Hierdoor ontstaat een sfeer van wantrouwen en onveiligheid, medewerkers worden gezien als voor of tegenstanders. Vriendjes/getrouwen worden benoemd op leidinggevende posities. Benoemingen worden onderhands, buiten het zicht van personeelszaken, geregeld. Er is bij een deel van het bedrijf (redactie) een gevoel van onveiligheid.

(…)

Hoofdredactie en leidinggevenden

De hoofdredacteur voelt zich niet gesteund door de organisatie. Hij wordt in de uitgelekte stukken als de kwade genius genoemd en dit vergroot zijn gevoel van onveiligheid. Hierdoor wordt zijn wantrouwen naar de medewerkers en hieraan gekoppeld de directieve stijl van leidinggeven versterkt. Hij is de medewerker met de meeste ziekmeldingen afgelopen jaar. De beste manier om hem te beschermen is om hem in zijn kracht te zetten, hem de organisatie en zijn medewerkers serieus te laten nemen en daarmee de tegenkrachten buitenspel te zetten.

Hij zal zichzelf in zijn functie en zijn rol serieus moeten gaan nemen, bij deze rol hoort een eigen werkplek (hij deelt nu een werkplek met het Hoofd Content), zichtbaarheid voor en in de organisatie en de bereidheid om het echte gesprek aan te gaan, Hier zal hij in getraind en begeleid moeten worden, waarbij alles overigens begint met het door hem onderschrijven en aanvaarden van deze analyse. Dit zal waarschijnlijk ook een effect hebben op de rol en de positie van de leidinggevenden. In de inrichting van de organisatie zal ook de gewenste stijl van leidinggeven benoemd en uitgedragen moeten gaan worden. (…)"

2.8.

Op 3 juli 2018 hebben [Z 2] en [verweerder] een werkoverleg gevoerd waarbij [Z 2] in algemene bewoordingen de highlights van haar voorstel aan de RfK met [verweerder] heeft besproken. Ook heeft [Z 2] aangegeven dat zij - indachtig haar interim benoeming - aan de RfK zal voorstellen om niet op korte termijn al te starten met het werven van een nieuwe directeur maar om eerst te gaan werken aan onderling vertrouwen. [verweerder] gaf daarop aan dat hij dat prima vond.

2.9.

Op 12 juli 2018 hebben [Z 2] en [verweerder] een langer inhoudelijk gesprek gevoerd over de organisatie binnen de omroep en wat er diende te worden veranderd. [Z 2] heeft toen ook aangegeven dat zij van mening was dat zowel [verweerder] als de leden van de hoofdredactie gebaat zouden zijn bij gesprekstraining onder leiding van een externe partij, om de communicatie binnen het bedrijf te verbeteren. Dit punt heeft [Z 2] ook opgeworpen in een daarop volgend gesprek van 25 juli 2018 met de leidinggevenden op de redactie (waaronder ook [verweerder] ). Bij de leidinggevenden was daarvoor evenwel weinig enthousiasme. De afgelopen jaren was er volgens hen al, onder leiding van derden, al meerdere malen gesproken zodat dit een herhaling van zetten zou zijn.

2.10.

Op 22 augustus 2018 heeft, op verzoek van [verweerder] , een gesprek plaatsgevonden met de voorzitter van de RfK en [Z 2] . Daar is de problematiek van de slechte onderlinge verhoudingen binnen Omrop Fryslân besproken, waaronder het probleem dat sprake was van verschillende 'kampen' en dat er ook een middengroep was die zich afzijdig houdt om maar geen partij te (hoeven) kiezen. De voorzitter benadrukte dat het van belang is dat [Z 2] en [verweerder] de eenheid bewaren, loyaal zijn aan elkaar en naar buiten toe met één verhaal komen. Deze noodzaak werd door zowel [Z 2] als [verweerder] onderkend.

2.11.

Leeuwarden/Fryslân is in 2018 Culturele Hoofdstad van Europa (hierna: LF2018). In het kader daarvan zou de productie "De Reuzen" van Royal de Luxe (hierna: RdL) op vrijdag 17 augustus 2018 zijn Nederlandse première beleven en zouden er gedurende drie dagen (van vrijdag 17 augustus tot en met zondag 19 augustus) Reuzen door Leeuwarden lopen (de Duiker, het Meisje en Xolo de hond). Dit soort optredens verzorgt RdL al enkele jaren in andere steden. RdL wenst niet dat er live uitzendingen van het optreden van de Reuzen worden gemaakt, omdat zij van mening is dat toeschouwers de voorstelling live moeten meemaken. Daartoe maakt zij afspraken met de lokale organisatoren in de steden waar de Reuzen verschijnen. Bij gebreke aan afspraken of bij schending daarvan dreigt RdL niet op te treden. Ook met LF2018 zijn door RdL afspraken gemaakt over het niet live uitzenden of streamen.

2.12.

Omrop Fryslân wilde de uitzending van vrijdagochtend 17 augustus 2018 graag live streamen. [verweerder] was van mening dat daar geen toestemming van RdL voor nodig was omdat sprake was van een optreden in de openbare ruimte en een verbod in strijd zou zijn met de persvrijheid. Omrop Fryslân wilde met een drone opnames maken, daarnaast zouden interviews worden gehouden met bezoekers en zou er informatie over de situatie ter plekke worden verschaft. [Y] (hierna: [Y] ), medewerkster van Omrop Fryslân, heeft hiertoe contact gehad met LF2018, dat weer contact had met RdL. Omdat RdL bezwaren had tegen de uitzending van Omrop Fryslân en dreigde om niet op te treden - waar LF2018 verontrust over was en LF 2018 bovendien gevolgen voor de openbare orde voorzag als de duizenden mensen die vrijdag in Leeuwarden werden verwacht te horen zouden krijgen dat het optreden niet door ging - heeft er op donderdag 15 augustus 2018 een gesprek plaatsgevonden waarbij aanwezig waren [verweerder] en [Y] namens Omrop Fryslân, [X] (hierna: [X] ) en [W] (hierna: [W] ) namens LF2018 en [V] , executive director van RdL. Tijdens het gesprek bleek dat RdL bereid was om onder voorwaarden in te stemmen met een gedeeltelijk live streamen en uitzenden, maar dan zou er door Omrop Fryslân wel een contract moeten worden getekend. Dat weigerde [verweerder] , met een beroep op de vrijheid van pers. De afspraken die waren gemaakt zouden worden nagekomen, daarvoor moest RdL hem op zijn woord geloven. [V] gaf aan dat zij Omrop Fryslân niet kende en dat een weigering om een contract te tekenen zou kunnen betekenen dat er door RdL niet zou worden opgetreden die vrijdag.

2.13.

Om de patstelling die dreigde te ontstaan te doorbreken heeft LF2018 partijen apart genomen en is er vervolgens afgesproken dat [verweerder] de gemaakte afspraken (via LF2018) zou bevestigen.

2.14.

[X] heeft daarop een samenvatting gemaakt van de gemaakte afspraken en die nog die avond om 18:13 uur per e-mail aan [verweerder] gezonden met de volgende tekst:

"Allereerst nogmaals dank dat het gesprek op zo'n korte termijn plaats kon vinden.

Ik denk dat we op basis van een constructief gesprek tot goede afspraken zijn gekomen.

Bijgaand mijn aantekeningen van de gemaakte afspraken t.b.v. een door jou op te stellen mail zoals we dat vanochtend bespraken.

Mochten er nog vragen zijn o.i.d. dan hoor ik dat graag. Ik ben vanavond ook wel telefonisch bereikbaar.

We spraken af dat je mij zo spoedig mogelijk mailt en dat ik er zorg voor zal dragen dat de mail bij Royal de Luxe komt."

De meegezonden samenvatting vermeldt:

"Op woensdag 15 augustus 2018 heeft een gesprek plaatsgevonden tussen vertegenwoordigers van Omrop Fryslân, Royal de Luxe en LF 2018. In dit overleg zijn afspraken gemaakt ter zake van de inzet van een drone door de Omrop op vrijdag 17 augustus om opnames te maken van de Duiker als onderdeel van het evenement De Reuzen in Leeuwarden.

De volgende afspraken zijn gemaakt:

In opdracht van Omrop Fryslân maakt Droneview op vrijdag 17 augustus 2018 opnames van De Duiker als onderdeel van het evenement De Reuzen in Leeuwarden. Daarvoor is toestemming verkregen van het Ministerie van Defensie en heeft melding plaatsgevonden bij de gemeente Leeuwarden. In het kader van genoemde melding zijn twee locaties vastgelegd van waaraf de drone op mag stijgen en zijn nadere kaders door de gemeente aangegeven. Opnames zullen worden gemaakt in het tijdvak 10.30 tot 12.30 uur.

Voorts is afgesproken dat met de drone enkel opnames worden gemaakt van De Duiker. Met de drone zullen gedurende bovengenoemde 2 uren live-opnames worden gemaakt waarvan kortdurende fragmenten (4 à 5 minuten per fragment) live gestreamd zullen worden als onderdeel van de totale uitzending van de Omrop, waarin afgewisseld wordt met sfeerbeelden vanuit de stad en interviews met bezoekers. In totaal zullen de live-fragmenten in tijd opgeteld niet meer dan 20 minuten bedragen."

2.15.

In reactie hierop heeft [verweerder] diezelfde avond om 19.10 uur aan [X] van LF2018 gemaild:

"Hoi [X] ,

Zoiets?"

met als bijlage een document met de tekst:

"Hereby, as agreed, an overview of the activities by Omrop Fryslân.

We will broadcast from 1000 AM until 1230 PM. Our goal is to give our audience an idea of the atmosphere in the city when the giants begin to walk. We'll not be following the giants step by step with camera's.

Our broadcast will be a mix of things: we do see the giants, but also the public that is watching. We will ask them what they think and will give them practical information (where to go, how to reach the inner city etcetera).

We have three camera's, two handheld and a drone. We will not film the giants all the time, we will switch from place to place. Only the girl and the diver will be filmed. The drone will only be shooting the diver, not the girl. We will not use the drone more than 20 minutes in total, each in short periods of time. We'll follow regulations with the drone, which means that it can only operate above water. That means that the drone can't follow the diver all the way.

After 1230 we will be done. We will not broadcast live on Friday afternoon, Saturday and Sunday."

2.16.

[X] heeft hierop op 15 augustus 2018 om 20.43 uur als volgt gereageerd:

"Wat mij betreft ok. Ik leg het morgenochtend voor aan [V] samen met mijn aantekeningen die ik je eerder stuurde. Als ik [V] gesproken heb dan laat ik weer even van me horen."

2.17.

Op 16 augustus 2018 heeft [X] [verweerder] om 11.30 uur gemaild:

"Ik heb net [V] gesproken en ze heeft een paar wijzigingen voorgesteld die aan de inhoud verder niet afdoen. Heb dit in de bijlage opgenomen. Zou jij een definitief kunnen maken en naar mij mailen dan is het klaar."

De e-mail van [X] aan [verweerder] bevatte als bijlage een bewerkte en gemarkeerde versie van het sub 2.15. vermelde door [verweerder] opgestelde Word document. In deze bewerkte versie is een aantal kleine tekstuele aanpassingen doorgevoerd met "wijzigingen bijhouden", voor zover hier van belang als volgt:

"(…) Only the girl , Xolo and the diver will be filmed. (…)

en aan het slot:

The live broadcast is not more than 20 minutes in total. "

2.18.

[X] en [verweerder] hebben op 16 augustus 2018 per telefoon een aantal tekstberichten uitgewisseld:

[X] om 11.31 uur:

"Hoi,

Ik heb net [V] gesproken. Ze heeft een paar aanvullingen die aan de inhoud niet afdoen. Heb je net gemaild. Hoor graag van je."

[verweerder] om 12.20 uur:

"Prima! Xolo volgen we niet trouwens, maar laat maar staan."

[X] om 12.21 uur:

"Top en dank je. Zie de mail wel komen, dan rond ik af met RdL."

[verweerder] om 12.27 uur:

"Ik ga niet meer mailen, bijgewerkte brief die je mailde is prima wat mij betreft."

[X] om 12.27 uur:

"Pas ik m zo (in het net) aan.

Gr

Marcel"

[verweerder] om 12.28 uur:

"Graag, ik ben druk."

2.19.

[verweerder] heeft [Z 2] - die er van op de hoogte was dat er 15 augustus een gesprek zou zijn - op 16 augustus 2018 laten weten dat "de uitzending als gepland zou doorgaan", zonder verdere details.

2.20.

Omrop Fryslân heeft vervolgens op 17 augustus 2018 tussen 10.00 en 12.30 uur een live-uitzending met betrekking tot het evenement "De Reuzen" gemaakt. In de loop van deze uitzending - na ongeveer een kwartier - is [verweerder] door [U] (hierna te noemen: [U] ) van LF2018 gebeld, met de mededeling dat Omrop Fryslân al bijna aan het maximum van de overeengekomen 20 minuten live-uitzending van het optreden van De Reuzen zat. De live-uitzending van het optreden van De Reuzen is hierna doorgegaan.

2.21.

Op 29 augustus 2018 heeft een gesprek plaatgevonden tussen [Z 2] en [verweerder] , in het bijzijn van hoofd P&O [T] (hierna: [T] ). In het hiervan later door [T] opgestelde en aan [verweerder] toegezonden gespreksverslag staat vermeld:

"(…) [voornaam] [kantonrechter: [Z 2] ] geeft aan dat zij geschrokken is van een aantal recente gebeurtenissen rondom de registratie van het evenement "de Reuzen (KH 2018) in Leeuwarden.

Zij is geïnformeerd dat organisatie van KH2018 zeer ontstemt is over het handelen van de Omrop m.b.t. dit evenement. Zij heeft daarop inmiddels een gesprek gehad met het de bestuursadviseur [X] en het hoofd marketing en communicatie [U] van KH2018, deze geven aan dat er specifieke afspraken zijn gemaakt tussen Omrop Fryslân, KH2018 en de organisatie van "de Reuzen" (Royal de Luxe) ivm de registratie. De afspraken spreken over een registratie van het evenement waarbinnen de reuzen in totaal niet meer dan 20 minuten in beeld zouden worden gebracht door Omrop Fryslân.

[voornaam] geeft aan dat deze afspraken zijn gemaakt en [verweerder] [kantonrechter: [verweerder] ] een onaanvaardbaar risico heeft genomen door zich niet aan deze afspraken te houden. De artistieke leiding van Royal de Luxe had in het ergste geval het evenement kunnen staken, de organisatie is hier niet van terugdeinst. KH2018 en de gemeente Leeuwarden hebben door dit handelen van [verweerder] (namens de Omrop) noodscenario's gemaakt mocht het evenement gestaakt worden. [voornaam] geeft aan dat zij door [verweerder] op de hoogte had moeten worden gebracht in haar rol als eindverantwoordelijke (directeur bestuurder), dit is niet gebeurd.

Met dit gegeven heeft hij het evenement en de positie van Omrop Fryslân in gevaar gebracht.

[verweerder] geeft aan dat hij het oneens is met de uiteenzetting van [voornaam] . Hij geeft aan dat sinds de eerste gesprekken met KH2018 er gesproken is over een registratie van twee en een half uur. Daarnaast haalt hij vervolgens zijn laptop op om de mails hierover aan [voornaam] te laten zien. Hij geeft aan dat de er alleen gesproken is over de bewuste 20 minuten in het kader van een drone die zou worden ingezet voor dit evenement.

[voornaam] geeft aan dat er in de mailbevestiging van de afspraken echter wel zwart op wit staat aangegeven dat er een registratie van de reuzen zou plaatsvinden van maximaal 20 minuten.

Volgens [verweerder] is de zin is later toegevoegd door [X] en heeft hij weliswaar akkoord gegeven maar die zin over het hoofd gezien.

[voornaam] geeft aan dat zij dit niet gelooft maar stel dat het een misverstand was dan nog waren er verschillende momenten waarop het [verweerder] haar het complete verhaal had kunnen vertellen. Voorafgaand is er contact geweest en correspondentie gevoerd met KH2018 over de invulling van de registratie. Eerst een gespreksverslag van [X] , later een mail met afspraken door [verweerder] zelf, vervolgens een aanvulling van [X] i.v.m. de 20 minuten en de registratie van de hond, een akkoord van [X] en de opmerking "de hond gaan we niet doen". Maar zeker had hij haar kunnen informeren op de bewuste dag van de registratie zelf. [verweerder] werd toen (na 12 minuten van de registratie) gebeld door [U] . [U] vertelde [verweerder] dat hij bijna aan de Max van zijn afspraak zat. Op maandag na het weekend van de reuzen is er geprobeerd door Royal de Luxe contact te leggen met [verweerder] en heeft hij aangegeven op advies van [U] dat zijn agenda vol zat. Kansen verzuimd om [voornaam] het complete verhaal te vertellen.

[voornaam] geeft aan dat het vertrouwen van KH2018 in de Omrop hiermee ernstig is geschaad maar ook het vertrouwen van haar in [verweerder] . "Jij hebt akkoord gegeven op de aangepaste brief en een risico genomen, jij was je daarvan bewust en je had met mij moeten overleggen". In mijn perceptie heb je alle kansen gehad om het complete verhaal te vertellen aan mij maar dat niet gedaan. Mijn vertrouwen heeft een enorme deuk opgelopen, niet alleen door bovenstaande maar ook eerdere incidenten die al zijn geweest.

[voornaam] vraagt aan [verweerder] hoe hij dit vertrouwen terug wil winnen. [verweerder] zegt als reactie hierop. Ik heb je het hele verhaal verteld, maar ik had je misschien wat beter op de hoogte moeten houden tijdens het proces. Daarnaast zou ik het best met je willen hebben over vertrouwen maar volgens mij gaat het dan niet alleen maar hierover en speelt dit wederzijds. Maar als je wilt dat ik weg ga dan is dat ook bespreekbaar, aldus [verweerder] .

[voornaam] geeft in haar reactie aan dat zij denkt dat er niet eens zo'n groot verschil zit op visie over de richting van het bedrijf maar wel een diametraal verschillende visie over hoe je leiding geeft aan mensen en met mensen omgaat.

Om te proberen elkaar beter te begrijpen wordt een eetafspraak gepland voor de donderdag daarop. Beiden geven aan dat het handig is dit zo snel mogelijk te plannen.(...)"

2.22.

[verweerder] heeft bij e-mail van 3 oktober 2018 aan [T] op het gespreksverslag gereageerd. In deze e-mail staat onder meer vermeld:

"(…) Ik hecht eraan je te wijzen op een aantal zaken in het verslag die niet kloppen. (…)

- Vijfde alinea: ' [voornaam] geeft aan dat er in de mailbevestiging van de afspraken echter wel zwart op wit staat aangegeven dat er een registratie van de reuzen zou plaatsvinden van maximaal 20 minuten'

Op dit moment heb ik mijn laptop opgehaald om te laten zien dat de laatste zin, over maximaal 20 minuten totale uitzending, niet de mijne was. In Word (waarin de bevestiging was geschreven) kun je zien wie er aanpassingen heeft gemaakt. Ik heb laten zien dat die laatste zin door LF2018/ [X] is toegevoegd. Ik heb ook laten zien dat in de rest van de mail (door mij geschreven) het over een live-uitzending gaat die van 1000 tot ca 1230 loopt.

- zevende alinea: 'Maar zeker had hij haar kunnen informeren op de bewuste vrijdag van de registratie zelf, [verweerder] werd toen (na 12 minuten van de registratie) gebeld door [U] . [U] vertelde [verweerder] dat hij bijna aan de max van zijn afspraak zat'.

[U] belde mij om 1100 uur, toen waren we al bijna een uur aan het uitzenden. Hij vertelde me dat we over onze twintig minuten uitzending geen waren, maar dat het aan mij was om te bepalen of we door gingen of niet. Ik heb hem toen gezegd dat de afspraak was dat we tot 1230 door zouden gaan ( [U] was niet bij het gesprek met RdL geweest) en dat we dat dus ook gingen doen. [U] zei dat prima te vinden en hing op.

- negende alinea: 'Daarnaast zou ik het best met je willen hebben over vertrouwen maar volgens mij gaat het dan niet alleen maar hierover en speelt dit wederzijds. Maar als je wilt dat ik weg ga dan is dat ook bespreekbaar, aldus [verweerder] .'

Bovenstaande heb ik niet gezegd en dat had ik je ook al laten weten in ons telefoongesprek van 9 september jl. Wat ik hier wel gezegd heb is het volgende. Ik heb tegen [voornaam] gezegd dat ik haar op het gebied van de reuzen alles had verteld, en dat daar ook niks mis was gegaan. Maar dat zij het had over haar vertrouwen in mij. Daarop heb ik gezegd: "Maar [voornaam] , moeten we dit voorbeeld met de reuzen dan niet even laten voor wat het is en het over dat vertrouwen hebben?" [voornaam] gaf aan daar over te willen praten. Ik gaf toen aan dat als dat vertrouwen niet hersteld zou kunnen worden en ze zonder mij verder wilde, dat we daar dan ook over moesten praten. Verder heb ik nooit aangegeven dat het gebrek aan vertrouwen wederzijds was. Ik had geen gebrek aan vertrouwen in [voornaam] .

2.23.

Bij brief van 6 september 2018 heeft [Z 2] [verweerder] op non-actief gesteld. Deze brief vermeldt daartoe:

"Hiermee bevestig ik jou voor de duidelijkheid in het kort de mededelingen die ik jou zojuist heb gedaan.

Een vruchtbare samenwerking tussen ons (jij in jouw rol als hoofdredacteur en ik in de mijne als directeur) is helaas niet mogelijk gebleken. Kort samengevat hebben wij tegenovergestelde visies op hoe de organisatie en met name de daarin werkzame personen dient/dienen te worden aangestuurd en op hoe de rolverdeling binnen de organisatie behoort te zijn. Verder is mij gebleken dat jouw manier van werken strijd en weerstand oproept binnen de redactie, waardoor er voortdurend onrust is. Hierdoor en door een aantal incidenten tussen ons, waaronder recent die met betrekking tot de live-uitzending over "De Reuzen" op vrijdag 17 augustus jl., is mijn vertrouwen in jou als hoofdredacteur weg en is onze arbeidsrelatie wat mij betreft onherstelbaar verstoord geraakt. In een tweekoppig MT is dat natuurlijk onwerkbaar en daarom heb ik besloten dat jij zult moeten vertrekken. Mijn bevindingen en beslissing heb ik met de Raad van Commissarissen (RfK) besproken. Die deelt mijn conclusies, ook in de ogen van de RfK is jouw positie binnen Omrop Fryslân onhoudbaar geworden.

(…)

In de gegeven omstandigheden heb ik je verder per direct vrijgesteld van werkzaamheden en gezegd dat jij tot nader order niet in het bedrijf dient te verschijnen. Ik zal daar intern noch extern mededelingen over doen, tenzij jij dat wel doet. Het lijkt me om de onderhandelingen kans van slagen te geven voor alle partijen hoe dan ook beter vooralsnog volledige "radiostilte" aan te houden. Ik verzoek je dan ook vriendelijk doch dringend daaraan mee te werken. (…)"

2.24.

De gemachtigde van [verweerder] heeft bij brief aan de gemachtigde van Omrop Fryslân van 10 september 2018 tegen het op non-actief stellen van [verweerder] geprotesteerd, betwist dat er, althans wat [verweerder] betreft, sprake zou zijn van een vertrouwensbreuk en aangedrongen op een gesprek om de genoemde problemen op te lossen.

2.25.

De gemachtigde van Omrop Fryslân heeft de gemachtigde van [verweerder] bij brief van 11 september 2018 gemeld dat de non-actiefstelling van [verweerder] gehandhaafd bleef.

2.26.

[Y] heeft [verweerder] - naar aanleiding van een verzoek van hem om een verslag te sturen van haar beleving van het gesprek van 15 augustus 2018 - bij e-mail van 10 september 2018 onder meer medegedeeld:

"Al vanaf ongeveer twee maanden voorafgaand aan het Reuzenweekend ben ik in goed overleg met woordvoerder [W] over De Reuzen. Ik heb gelijk verteld dat we de eerste voorstelling op de vrijdagochtend graag live zouden willen streamen. [W] vertelde dat Royal de Luxe hier geen voorstander van is, omdat ze vinden dat je er live bij moet zijn. [W] vertelde ook dat LF2018 een contract heeft moeten ondertekenen dat ze niet live zouden gaan streamen of uitzenden. Ik heb toen gelijk aangegeven dat wij geen toestemming nodig hebben. We mogen filmen op de openbare weg en hebben persvrijheid in Nederland.

(…)

Tijdens het overleg heb ik weer uitgelegd (dit keer direct aan de Franse producente van Royal de Luxe) wat we precies zouden gaan doen. Dat het niet een groots aangepakte registratie zou worden (zoals De Stormruiter). Het zou een combinatie van live beelden, interviews met bezoekers en informatie over de situatie in de stad worden. Ook vertelde ik dat het voor ons een groot avontuur zou worden, omdat we dit met beperkte middelen aanpakten en er een kans zou zijn dat de verbindingen niet goed zouden zijn. Ik vertelde dat ons streven was om van 10 tot ongeveer 12.30 uur te streamen, maar als het allemaal niet soepel zou verlopen het een reële kans zou zijn dat we eerder zouden stoppen.

(…)

Er is tijdens het gesprek nooit aan de orde geweest dat onze hele live stream in totaal 20 minuten zou duren. Tijdens het gesprek is er duidelijk over gesproken dat dit ongeveer van 10 tot 12.30 uur zou zijn als alles voorspoedig zou verlopen. De 20 minuten hadden betrekking op de drone. (…)"

2.27.

[X] heeft [Z 2] bij e-mail van 5 oktober 2018 te 12:22 uur medegedeeld:

"In het gesprek is 'niet meer dan 20 minuten live' herhaaldelijk aan de orde geweest.

Na een toelichting over wat de Omrop is (publieke omroep en geen commerciële) en het voornemen van de Omrop om binnen een bepaalde context (3 doelen) een reportage met live onderdelen te maken, is door Royal de Luxe aangegeven dat tot op heden hun wens om niet live uit te zenden in andere steden, op basis van overleg, steeds is gehonoreerd. RdL heeft uitgelegd waarom zij dit zo willen en het verzoek om niet live uit te zenden herhaald. Daarop is er vanuit RdL beweging gekomen (mn omdat omrop geen commerciële omroep is) en is aangegeven dat zij akkoord kunnen gaan met kortdurende fragmenten (4 a 5 minuten) live streamen, waarbij de live fragmenten in tijd opgeteld niet meer dan 20 minuten bedragen. Vanuit RdL is toen aangedrongen op een contract waarin een en ander zou moeten worden vastgelegd. Dit werd door Omrop resoluut en krachtig van de hand gewezen: een man een man een woord een woord was de reactie. RdL reageerde met: ik ken u niet, waarom zou ik u vertrouwen. Daarop is het overleg geschorst en is met beide gesprekspartners afzonderlijk gesproken over de vorm waarin bovenstaande afspraak zou kunnen worden gegoten. Voorgesteld is om dit in de vorm van een door de omrop op te stellen mail aan RdL te doen waarbij vanuit LF2018 is aangegeven dat zij voor naleving van de afspraak in staan. Na in de afzonderlijke gesprekken de afspraken zoals boven bedoeld nogmaals te hebben herhaald, is er plenair verder gesproken. Daar zijn andermaal de afspraken in elkaars aanwezigheid benoemd en is afgesproken dat de Omrop op basis van een samenvattend verslag van dit gesprek een mail aan RdL te sturen. Beide partijen konden met vorm en inhoud instemmen. Later die dag is het samenvattend verslag -met daarin expliciet het maximum van 20 minuten- aan de Omrop gemaild om het proces zoals besproken in gang te zetten en af te ronden, hetgeen vervolgens ook is gebeurd. (…)"

2.28.

Hierna heeft [X] [Z 2] bij e-mail van 5 oktober 2018 te 13:04 uur nog medegedeeld:

"Ik heb [U] [kantonrechter: [U] ] om 10.16 gebeld om aan te geven dat de gemaakte afspraken zo niet nageleefd worden met het verzoek de Omrop te contacten. [U] heeft daarop met [verweerder] gebeld en mij om 10.22 uur een app-bericht gestuurd dat hij [verweerder] heeft gesproken."

2.29.

[U] heeft [Z 2] bij e-mail van 10 oktober 2018 medegedeeld:

"(…) Ik kreeg vrijdagochtend 17 augustus, terwijl ik mee liep met de pers rondom het reuzenmeisje, een telefoontje van [X] (namens het veiligheidsteam) met de mededeling dat OF inmiddels meer dan 20 minuten live had uitgezonden en men niet wist hoe de crew van Royal de Luxe zou reageren als ze daar lucht van zouden krijgen. De vraag aan mij was [verweerder] hierover te bellen en hem te wijzen op de afspraak om maximaal 20 minuten live beelden uit te zenden.

Dat heb ik vervolgens gedaan, waarbij [verweerder] aangaf dat die 20-minuten afspraak slechts voor beelden met de drone gold en dat er geen afspraak was gemaakt over maximaal 20 minuten live beelden. Ik heb aangegeven dat dat volgens mij wel zo was (ik had het document met afspraken niet bij de hand en zat niet bij het gesprek waarin de afspraken zijn gemaakt) en heb gezegd dat wij de parade niet in gevaar wilden brengen door een mogelijke reactie van RdL op het overschrijden van de maximale duur van de live-beelden. Gevraagd of hij daar rekening wil mee houden. Ik heb niet expliciet gevraagd de uitzending per direct te stoppen, omdat dat niet aan mij was. Maar ik heb in mijn herinnering ook niet van [verweerder] gehoord dat de (afspraak was dat de) uitzending tot 12.30 zou doorlopen. Ik heb zeker niet gezegd dat het prima was dat er tot 12.30 zou worden uitgezonden."

3 Het standpunt van Omrop Fryslân

3.1.

Omrop Fryslân verzoekt om de arbeidsovereenkomst met [verweerder] te ontbinden op grond van artikel 7:671b lid 1, onderdeel a, van het Burgerlijk Wetboek (BW), in verbinding met artikel 7:669 lid 3, onderdeel g BW.

3.2.

Aan dit verzoek legt Omrop Fryslân - samengevat - ten grondslag dat sprake is een redelijke grond voor ontbinding, bestaande uit een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsverhouding waardoor van Omrop Fryslân redelijkerwijs niet gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst met [verweerder] te laten voortduren. Er bestaat tussen [Z 2] en [verweerder] , die als bestuurder respectievelijk hoofdredacteur tezamen het managementteam van Omrop Fryslân vormen, over en weer volstrekt geen vertrouwen meer en het is de stellige overtuiging van [Z 2] dat het hen tezamen niet zal lukken om de problemen bij Omrop Fryslân te overwinnen. Daarvoor hebben zij een te verschillende visie op hoe er leiding moet worden gegeven aan medewerkers en hoe er met mensen moet worden omgegaan. Bovendien heeft [verweerder] keer op keer bewezen [Z 2] niet serieus te nemen in haar rol als bestuurder, heeft hij haar vertrouwen in hem te vaak beschaamd en heeft hij te vaak met zijn portefeuille gezwaaid. Herplaatsing van [verweerder] ligt gegeven zijn functie niet in de rede. Er is ook geen andere functie voor hem voorhanden binnen de organisatie.

3.3.

Daarbij komt de gang van zaken aangaande de live-registratie van het evenement "De Reuzen" van Royal de Luxe. Tussen [verweerder] en de organisatie van LF2018 was uitdrukkelijk afgesproken dat er op 17 augustus 2018 slechts 20 minuten livebeelden van het optreden van De Reuzen zouden worden uitgezonden. Op deze dag hield [verweerder] /Omrop Fryslân zich echter niet aan die afspraak, hetgeen voor paniek zorgde bij de organisatie van LF2018, die [verweerder] belde met de boodschap dat hij zich aan de afspraken moest houden. [verweerder] toonde zich daarbij niet toeschietelijk. Daarom zijn in verband met de handhaving van de openbare orde door de organisatie noodscenario's opgesteld voor het geval Royal de Luxe het evenement zou staken. Gelukkig is een en ander met een sisser afgelopen, maar de consequenties van het handelen van [verweerder] hadden groot kunnen zijn. [verweerder] heeft het risico op een schadeclaim genomen die Omrop Fryslân niet had kunnen dragen. Een en ander kwam [Z 2] pas op 28 augustus 2018 ter ore in een gesprek met de organisatie van LF2018. [verweerder] had haar op geen enkel moment goed geïnformeerd, niet van tevoren, niet op de dag van de live-uitzending toen er paniek ontstond of het evenement niet voortijdig zou worden gestopt en evenmin na het weekend van deze uitzending.

3.4.

Op 29 augustus 2018 heeft [Z 2] [verweerder] in een indringend gesprek tot de orde geroepen. Zij gaf in dit gesprek aan dat haar vertrouwen in hem een enorme deuk had opgelopen. Volgens [verweerder] was er ten aanzien van de (duur van de) live-uitzending van De Reuzen slechts sprake van een misverstand, hetgeen gegeven de reden van de afspraken en de vastlegging daarvan volgens Omrop Fryslân ongeloofwaardig is. Echter, zelfs in het geval van een misverstand had [verweerder] [Z 2] op de hoogte moeten brengen. Zij is immers de verantwoordelijk bestuurder. In dit gesprek zwaaide [verweerder] met zijn portefeuille, zoals hij al eerder heeft gedaan.

3.5.

Er werd een eetafspraak tussen [Z 2] en [verweerder] gepland om elkaar beter te proberen te begrijpen. In de dagen na het gesprek van 29 augustus 2018 heeft [Z 2] zich nogmaals goed op de situatie bezonnen en is zij definitief tot de conclusie gekomen dat zij niet langer met [verweerder] kan samenwerken en dat het hen samen niet zal lukken om de problemen bij Omrop Fryslân op te lossen, niet alleen omdat [verweerder] [Z 2] als een passant ziet, maar vooral vanwege hun botsende karakters.

3.6.

Bij ontbinding van de arbeidsovereenkomst dient rekening te worden gehouden met de overeengekomen opzegtermijn van twee maanden. Na beëindiging van de arbeidsovereenkomst zal Omrop Fryslân een correcte eindafrekening opstellen, waarin de wettelijke transitievergoeding van € 10.641,00 bruto zal worden opgenomen.

3.7.

Voor het toekennen van een billijke vergoeding in geval van ontbinding, zoals door [verweerder] is verzocht, is vereist dat sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van Omrop Fryslân als werkgever. Van een dergelijke situatie is hier echter geen sprake. De ontbinding van de arbeidsovereenkomst is het gevolg van het handelen van [verweerder] . De hoogte van de door [verweerder] verzochte billijke vergoeding (€ 130.000,00) is volgens Omrop Fryslân bovendien schromelijk overdreven.

3.8.

Omrop Fryslân heeft er geen bezwaar tegen dat in geval van ontbinding het non-concurrentiebeding op grond van artikel 7:653 lid 3 sub b BW (belangenafweging) wordt vernietigd.

4 Het standpunt van [verweerder]

4.1.

verweert zich tegen het verzoek en stelt primair dat de verzochte ontbinding moet worden afgewezen. Hij voert daartoe – samengevat – het volgende aan.

4.2.

[verweerder] betwist dat er sprake is van een redelijke grond - in de zin van een duurzaam en ernstig verstoorde arbeidsverhouding - voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De conclusie van Omrop Fryslân dat er tussen [verweerder] en [Z 2] over en weer volstrekt geen vertrouwen meer bestaat, is prematuur, gelet op de korte periode waarin zij daadwerkelijk hebben samengewerkt. [verweerder] en [Z 2] werkten ten tijde van de mededeling van [Z 2] van 6 september 2018 dat een vruchtbare samenwerking niet mogelijk is gebleken, net vier maanden samen en in die periode zijn zij na elkaar zeven weken afwezig geweest. Een effectieve periode van samenwerken van iets meer dan twee maanden kan en mag niet tot de conclusie leiden dat de vertrouwensrelatie onherstelbaar beschadigd is, met als consequentie het ontslag van [verweerder] . Dit klemt te meer, nu Omrop Fryslân respectievelijk [Z 2] - zo er al sprake is van een door beide partijen ervaren verstoorde arbeidsverhouding - niets heeft ondernomen om die verstoorde arbeidsverhouding te herstellen.

4.3.

Het verzoekschrift van Omrop Fryslân is voornamelijk gebaseerd op wat zich in de korte periode van samenwerking tussen [verweerder] en [Z 2] in de belevingswereld van [Z 2] heeft afgespeeld. De aantijgingen aan het adres van [verweerder] zijn niet met stukken onderbouwd, hetgeen wel van Omrop Fryslân als goed werkgever had mogen worden verwacht indien het functioneren van [verweerder] in haar visie kennelijk zo ernstig tekortschiet. In de beoordelingen respectievelijk functioneringsformulieren uit de periode van 2015 tot en met 2017 komt niets terug van het thans door Omrop Fryslân geschetste beeld van het functioneren van [verweerder] .

4.4.

De discussie met betrekking tot de live-uitzending van De Reuzen berust op een misverstand. Afgesproken was dat een live uitzending tussen 10.00 en 12.30 uur met twee camera's akkoord was en dat de inzet van de drone zou worden beperkt tot 20 minuten. De gemaakte afspraken zijn door [verweerder] per mail bevestigd. Naar later bleek, is aan de laatste e-mail door RdL het zinnetje toegevoegd: "The live broadcast is not more than 20 minutes in total". Over die toevoeging heeft [verweerder] heen gelezen op 16 augustus 2018, omdat hij druk was. Een dergelijke afspraak was echter ook niet gemaakt en volgt ook niet uit de overige inhoud van het document, waar immers wordt gesproken over een uitzending van 10.00 tot 12.30 uur. [verweerder] als hoofdredacteur zou ook nooit een live-uitzending van slechts 20 minuten hebben geaccepteerd. Van enige schadeclaim jegens Omrop Fryslân in geval RdL de voorstelling zou hebben gestaakt zou geen sprake hebben kunnen zijn, aangezien het een uitzending in de openbare ruimte betrof en het niet aan RdL was om te bepalen hoe Omrop Fryslân van het evenement verslag deed. [verweerder] heeft [Z 2] op 16 augustus 2018 geïnformeerd over zijn overleg met LF2018/Royal de Luxe van 15 augustus over de live-uitzending.

4.5.

Voor het geval de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden, verzoekt [verweerder] allereerst om hem de wettelijke transitievergoeding, van € 10.641,00 bruto toe te kennen. Voorts verzoekt [verweerder] om de toekenning van een billijke vergoeding van € 130.000,00 bruto, althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag, omdat Omrop Fryslân in de onderhavige kwestie ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Omrop Fryslân probeert op oneigenlijke gronden een beëindiging van de arbeidsovereenkomst met [verweerder] te forceren door hem een groot aantal onterechte verwijten te maken, om daarmee een grond voor ontslag - een verstoorde arbeidsverhouding - te creëren, die louter in de visie van [Z 2] bestaat en waarvan vast staat dat Omrop Fryslân er niets aan heeft gedaan om die verstoorde arbeidsrelatie te herstellen. Verder dient bij het bepalen van de einddatum van het dienstverband rekening te worden gehouden met de voor [verweerder] geldende opzegtermijn van twee maanden zonder aftrek van de periode die is gelegen tussen de ontvangst van het verzoekschrift en de datum van dagtekening van de ontbindingsbeschikking.

4.6.

[verweerder] verzoekt voorts om in geval van ontbinding, het tussen Omrop Fryslân en [verweerder] in artikel 11 van de arbeidsovereenkomst overeengekomen concurrentiebeding te vernietigen dat hem verbiedt om gedurende 12 maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst werkzaamheden te verrichten die liggen op het terrein van de werkzaamheden van Omrop Fryslân. Op grond van artikel 7:653 lid 4 BW kan een werkgever geen rechten ontlenen aan een concurrentiebeding, indien het eindigen of niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Daarvan is in de onderhavige kwestie sprake. Voor zover geoordeeld wordt dat geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten door Omrop Fryslân, is [verweerder] van mening dat het concurrentiebeding geheel vernietigd moet worden op grond van de belangenafweging als bedoeld in artikel 7:653 lid 3 sub b BW. [verweerder] moet namelijk uitsluitend door toedoen van Omrop Fryslân op zoek naar een nieuwe baan en wordt daarbij onbillijk benadeeld door het op hem van toepassing zijnde concurrentiebeding.

4.7.

Ten slotte verzoekt [verweerder] om Omrop Fryslân te veroordelen tot betaling van wettelijke rente over de verzochte transitievergoeding en billijke vergoeding.

5 De beoordeling

5.1.

Het gaat in deze zaak om de vraag of de arbeidsovereenkomst tussen partijen moet worden ontbonden. In geval van ontbinding moet ook worden beoordeeld of aan [verweerder] als werknemer een billijke vergoeding dient te worden toegekend en of het concurrentiebeding dient te worden vernietigd.

5.2.

De kantonrechter stelt voorop dat uit artikel 7:669 lid 1 BW volgt dat de arbeidsovereenkomst alleen kan worden ontbonden indien daar een redelijke grond voor is en herplaatsing van de werknemer in een andere passende functie binnen een redelijke termijn niet mogelijk is of niet in de rede ligt. In artikel 7:669 lid 3 BW is nader omschreven wat onder een redelijke grond moet worden verstaan. Bij regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 23 april 2015 (Stcrt. 2015/12685) zijn daarvoor nadere regels gesteld (Ontslagregeling). Voor zover in deze zaak van belang, bepaalt artikel 7:669 lid 3 aanhef en sub g BW dat onder een redelijke grond als bedoeld in lid 1 wordt verstaan een verstoorde arbeidsverhouding, zodanig dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. De kantonrechter zal hierna beoordelen of de door Omrop Fryslân aan haar verzoek ten grondslag gelegde verstoorde arbeidsrelatie voldoende is om te komen tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

5.3.

Vooropgesteld wordt dat voor een ontbinding op de g-grond meer nodig is dan een in de ogen van de werkgever verstoorde arbeidsverhouding. Zoals uit het slot van artikel 7:669 lid 3 sub g BW blijkt, is daarvoor niet alleen een verstoorde arbeidsverhouding in algemene zin vereist, maar ook dat deze zodanig is dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd om de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Uit de memorie van toelichting bij de Wet Werk en Zekerheid volgt dat - in beginsel - onderdeel van dit criterium is gebleven het vereiste dat de arbeidsverhouding duurzaam en ernstig verstoord is (Kamerstukken II, 2013/14, 33 818, nr. 3, p. 46). Voor toepassing van deze ontbindingsgrond is niet vereist dat sprake is van enige mate van verwijtbaarheid aan de zijde van de werknemer. De omstandigheid dat de werkgever van het ontstaan of voortbestaan van de verstoring in de arbeidsverhouding een verwijt kan worden gemaakt, staat op zichzelf evenmin aan ontbinding op de g-grond in de weg. Bij de beoordeling of sprake is van een zodanig verstoorde arbeidsverhouding dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren, kan de mate waarin de verstoorde arbeidsverhouding aan een partij (of aan beide partijen) verwijtbaar is, wel gewicht in de schaal leggen, maar die omstandigheid behoeft op zichzelf niet doorslaggevend te zijn (zie: HR 16 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:220). De rechter zal moeten onderzoeken of, uitgaande van de feiten en omstandigheden die – zo nodig na bewijslevering – zijn komen vast te staan, in redelijkheid kan worden geoordeeld dat sprake is van deze door de werkgever aangevoerde ontslaggrond (zie HR 16 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:182.

5.4.

De kantonrechter overweegt als volgt. [verweerder] en [Z 2] vormen samen het managementteam van Omrop Fryslân. Voor het op vruchtbare wijze samenwerken binnen dit managementteam is het onontbeerlijk dat [verweerder] en [Z 2] elkaar behoorlijk en tijdig informeren over relevante ontwikkelingen en dat er sprake is van wederzijds vertrouwen. Dit geldt te meer nu zowel [verweerder] als [Z 2] erkennen dat het al geruime tijd onrustig is binnen de organisatie van Omrop Fryslân. Om die onrust om te buigen naar een stabiele organisatie zonder deze interne spanningen, is het naar het oordeel van de kantonrechter van groot belang dat het managementteam, vanuit dit wederzijds vertrouwen, als een eenheid opereert en samen probeert tot oplossingen te komen.

5.5.

In deze procedure is naar het oordeel van de kantonrechter komen vast te staan dat Omrop Fryslân - in het bijzonder haar directeur [Z 2] - op dit moment geen vertrouwen meer heeft in de mogelijkheid om met [verweerder] , als onderdeel van het MT, de interne problemen bij Omrop Fryslân op te lossen. Omrop Fryslân heeft aangegeven dat de karakters en stijl van leidinggeven van [verweerder] enerzijds en [Z 2] anderzijds zozeer uiteenlopen dat het creëren van een stabiel MT met deze twee personen ondoenlijk is. Daarmee is evenwel nog niet gegeven dat sprake is van een voldragen g-grond nu - vooral gezien de nog slechts korte periode dat [Z 2] binnen Omrop Fryslân actief is - daarvoor tevens vereist is dat van Omrop Fryslân niet gevergd kan worden te trachten om deze vertrouwensbreuk, door middel van gesprekken, inzet van professionals of anderszins, op te lossen. Dit geldt temeer nu [verweerder] heeft aangegeven dat er wat hem betreft geen sprake is van een vertrouwensbreuk richting [Z 2] en dat hij bereid is om het gesprek hierover met haar aan te gaan.

5.6.

De kantonrechter begrijpt uit hetgeen door Omrop Fryslân is aangevoerd dat met name de gang van zaken rondom (en na afloop van) de live-uitzending van de Reuzen bij [Z 2] het besef heeft doen ontstaan dat zij en [verweerder] zodanig van mening verschillen over de vraag wat en hoe je als MT-leden met elkaar communiceert en welke belangenafwegingen je daarbij maakt, dat daarmee ieder reële hoop op een stabiel en constructief samenwerkend MT bestaande uit haarzelf en [verweerder] is verdwenen. De kantonrechter kan deze gedachtegang van Omrop Fryslân volgen, waartoe het volgende wordt overwogen.

5.7.

Uit de overgelegde reacties van de aanwezigen bij het overleg van 15 augustus 2018 volgt dat [verweerder] en [Y] daar voor wat betreft de "20 minuten afspraak" een andere herinnering aan hebben dan de overige aanwezigen. Volgens zowel [X] en [W] namens LF2018 als [V] namens RdL is er afgesproken dat er niet meer dan 20 minuten live opnames van de Reuzen zouden worden uitgezonden. Volgens [verweerder] en [Y] sloeg de 20 minuten afspraak alleen op de drone (waarmee opnames van de Duiker zouden worden gemaakt) maar zei dat niets over opnames van de Reuzen met andere camera's. Wat daar ook van zij, gegeven de wetenschap van [verweerder] dat RdL aanvankelijk uberhaupt niet wilde instemmen met een live uitzending, moet het [verweerder] bekend zijn geweest dat de duur van een live uitzending (lees: live beelden van de Reuzen) voor RdL van belang was. Voor zover hij op dit punt een andere herinnering had aan het gesprek van 15 augustus, had de samenvatting die hij na het gesprek van [X] kreeg (zie onder 2.14.) op dit punt in ieder geval de nodige vragen bij hem op moeten roepen. Immers, de samenvatting van [X] benoemd duidelijk de totale duur van de uitzending (2,5 uur), de drie voor de uitzending van belang zijnde onderwerpen (live opnames van de Reuzen, sfeerbeelden vanuit de stad en interviews met bezoekers) en het totaal van de live-fragmenten (niet meer dan 20 minuten), waarbij het naar het oordeel van de kantonrechter evident is dat daarbij wordt gedoeld op live-fragmenten van de Reuzen, omdat voor alle betrokkenen duidelijk moet zijn geweest dat dát het 'pijnpunt' was voor RdL (en niet interviews met bezoekers, sfeerbeelden van de stad o.i.d.).

5.8.

In zijn concept tekst aan RdL herhaalt [verweerder] voornoemde drie elementen van de uitzending, bevestigt hij dat de Reuzen niet de hele tijd zullen worden gevolgd en beperkt hij de inzet van de drone tot 20 minuten, maar gaat hij niet in op de totale duur van live-opnames van de Reuzen. In de reactie op dit stuk van RdL wordt de 20 minuten totale duur (die [X] dus al eerder aan [verweerder] had bevestig) door RdL toegevoegd. Volgens [verweerder] heeft hij dat niet gezien omdat hij te druk was met andere zaken om het stuk goed te kunnen bekijken en werd hij daarnaast op het verkeerde been gezet doordat er volgens [X] slechts sprake was van tekstuele aanpassingen. In de visie van [X] was dat ook zo, omdat voor hem - zo blijkt uit zijn samenvatting van de dag daarvoor - reeds vaststond dat maximaal 20 minuten Reuzen live uitzenden onderdeel van de afspraak was.

5.9.

Er vanuit gaande dat [verweerder] inderdaad een andere herinnering heeft aan de gemaakte afspraken dan de aanwezigen van LF2018 en RdL kan [verweerder] naar het oordeel van de kantonrechter in ieder geval op dit belangrijke punt een gebrek aan zorgvuldigheid worden verweten. De samenvatting van [X] liet aan duidelijkheid immers niets te wensen over voor wat betreft de "20 minuten afspraak" en toch was dat voor [verweerder] kennelijk geen aanleiding om zijn op dit punt afwijkende herinnering met [X] te bespreken. Voorts kan [verweerder] opnieuw onzorgvuldigheid worden verweten bij zijn bevestiging aan [X] per tekstbericht van 16 augustus. Immers, volgens zijn eigen stelling heeft hij toen niet gezien, of niet kunnen zien, dat daar aan het slot een zin was toegevoegd over maximaal 20 minuten live uitzenden. De stelling dat hij dat op zijn telefoon niet heeft kunnen zien kan de kantonrechter overigens niet volgen, nu uit de tekstberichten blijkt dat [verweerder] wél heeft gezien dat het woord "Xolo" door Rdl is toegevoegd, zodat toegevoegde tekst kennelijk wel degelijk zichtbaar was voor [verweerder] op zijn telefoon. Voor zover hij heeft bedoeld te stellen dat de wijzigingen/toevoegingen niet in een afwijkende kleur of anderszins duidelijk zichtbaar op zijn telefoon doorkwamen is het toch wel erg onbegrijpelijk waarom de zo duidelijk geformuleerde laatste zin van het stuk hem desondanks in het geheel niet is opgevallen. Op deze gewijzigde tekst heeft [verweerder] vervolgens zonder voorbehoud een akkoord gegeven.

5.10.

Nadat [verweerder] aldus tot twee maal toe een voor RdL belangrijk onderdeel van de afspraak naar zijn zeggen over het hoofd heeft gezien heeft hij vervolgens tijdens de live-uitzending - toen hij door LF2018 werd gewaarschuwd voor mogelijke gevolgen - welbewust het risico genomen dat RdL de voorstelling die dag zou afbreken of de daarop volgende dagen niet meer zou optreden. Op geen enkel moment heeft hij daarbij kennelijk de noodzaak gevoeld om hierover met [Z 2] contact op te nemen om haar te informeren, laat staan om met haar te overleggen. Volgens zeggen van [verweerder] is hij vervolgens de daarop volgende maandag 20 augustus tot de ontdekking gekomen dat RdL een regel had toegevoegd aan zijn bevestiging, inhoudende dat er niet meer dan 20 minuten live zou worden uitgezonden. Als deze lezing van [verweerder] gevolgd wordt, dan betekent die ontdekking dat hij zich pas dán realiseert dat hij - nadat hij er eerst bij RdL op had aangedrongen dat schriftelijke afspraken niet nodig waren omdat hij op zijn woord kon worden geloofd - alsnog een schriftelijk akkoord heeft gegeven aan RdL op afspraken, om daarna deze afspraken te schenden. Het moet voor hem dan toch ook aanstonds duidelijk zijn geworden dat hij daarmee Omrop Fryslân als een onbetrouwbare partij had neergezet, zowel richting RdL als richting LF2018 (dat jegens RdL had verklaard in te staan voor de nakoming door Omrop Fryslân van de gemaakte afspraken). Juist als dit in de visie van [verweerder] allemaal het gevolg was van een misverstand, dan had dat bij uitstek het moment moeten zijn geweest om [Z 2] , zijn mede MT lid, te informeren en zijn kant van het verhaal te vertellen. Ook dat heeft hij nagelaten, hetgeen de kantonrechter onbegrijpelijk vindt. Het belang van Omrop Fryslân stond immers wel degelijk op het spel, nu het er zoals gezegd om ging of Omrop Fryslân als een betrouwbare partner kan worden gezien. De vraag of RdL het recht had om te bepalen wat er zou worden uitgezonden van een voorstelling die zich in de openbare ruimte afspeelt is niet een vraag die daarbij meeweegt omdat, wat daar ook van zij, [verweerder] kennelijk bereid is geweest om hierover afspraken te maken met RdL.

5.11.

[Z 2] heeft, naar Omrop Fryslân onweersproken heeft gesteld, pas op 28 augustus 2018 - in een gesprek met LF2018 - voor het eerst over de details rond de strubbelingen betreffende de live-uitzending van het optreden van De Reuzen gehoord. Blijkens het door [Z 1] opgestelde verslag van zijn gesprek met [Z 2] op 29 augustus 2018 (zie hiervoor onder 2.21) heeft [verweerder] toen erkend dat hij [Z 2] "misschien wat beter op de hoogte had moeten houden van het proces", hetgeen voor de kantonrechter niet klinkt als een daadwerkelijke erkenning dat hij hier gewoonweg fout zat en anders had behoren te handelen. In zijn reactie is [verweerder] het met de vastlegging van [Z 1] op dit punt evenwel zelfs nog oneens en heeft hij volgens hem gezegd (zie hiervoor onder 2.22.) "Ik heb tegen [voornaam] gezegd dat ik haar op het gebied van de reuzen alles had verteld, en dat daar ook niks mis was gegaan." Hiermee geeft [verweerder] naar het oordeel van de kantonrechter aan zich in het geheel niet te realiseren dat hij [Z 2] in dit soort situaties wel degelijk eerder en uit zichzelf had behoren te informeren over de gang van zaken met betrekking tot de live-uitzending van het optreden van De Reuzen. Ter zitting heeft [verweerder] daar nog steeds geen blijk van gegeven door desgevraagd aan te geven dat hij "geen aanleiding zag om dat te doen". Een en ander getuigt naar het oordeel van de kantonrechter van een ernstig gebrek aan inzicht bij [verweerder] in wat er van hem gevergd mag en kan worden als je onderdeel uitmaakt van het MT.

5.12.

Dit maakt het standpunt van Omrop Fryslân dat er sprake is van een onherstelbare vertrouwensbreuk tussen [Z 2] en [verweerder] , naar het oordeel van de kantonrechter begrijpelijk en aanvaardbaar. Van Omrop Fryslân kan in redelijkheid niet worden verlangd dat zij een hoofdredacteur/MT-lid handhaaft die niet inziet dat hij met zijn bestuurder/mede MT-lid moet communiceren over kwesties die voor het imago van Omrop Fryslân van groot belang kunnen zijn. De functie van hoofdredacteur bij een omroep is een sleutelpositie met grote verantwoordelijkheden. Dit geldt temeer als deze functie gepaard gaat met een positie binnen het managementteam. Dat [verweerder] zich onvoldoende rekenschap geeft van alle taken en verantwoordelijkheden die bij deze sleutelpositie behoren wordt hem zwaar aangerekend.

De kantonrechter overweegt dat er daarmee sprake is van een ernstige en duurzame verstoring van de arbeidsverhouding, waardoor van Omrop Fryslân in redelijkheid niet kan worden gevergd om de arbeidsovereenkomst met [verweerder] te laten voortduren. Omdat uit de gang van zaken een zodanig structureel verschil van inzicht blijkt in wat MT-leden met elkaar dienen te delen en hoe zij zich onderling gedragen, ziet de kantonrechter onvoldoende heil in het ondernemen van een poging om tot herstel van de verstoorde arbeidsverhouding te komen. Dat zal onder deze omstandigheden dan ook niet van Omrop Fryslân te worden verlangd.

5.13.

De kantonrechter is voorts van oordeel dat, mede gelet op de unieke functie van hoofdredacteur die [verweerder] bij Omrop Fryslân vervult, niet aannemelijk geworden is dat herplaatsing van [verweerder] in een andere passende functie binnen de organisatie van Omrop Fryslân binnen een redelijke termijn nog mogelijk is of in de rede ligt.

5.14.

Op grond van het voorgaande is de conclusie dat de kantonrechter het verzoek van Omrop Fryslân zal toewijzen en dat de arbeidsovereenkomst, met toepassing van artikel 7:671b lid 8, onderdeel a BW, zal worden ontbonden met ingang van 1 januari 2019. Dat is de datum waarop de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging zou zijn geëindigd (er geldt een opzegtermijn van twee maanden), verminderd met de duur van deze procedure, met dien verstande dat een termijn van tenminste één maand resteert.

5.15.

Partijen zijn het erover eens dat aan [verweerder] een transitievergoeding van € 10.641,00 bruto toekomt bij ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Omrop Fryslân zal derhalve worden veroordeeld om dit bedrag aan [verweerder] te betalen, waarbij rekening zal worden gehouden met de termijn die de wetgever de werkgever gunt om een eindafrekening op te maken (een maand na de dag waarop de arbeidsovereenkomst is geëindigd, zie ook artikel 7:686a lid 1 BW). De gevorderde wettelijke rente over de transitievergoeding zal worden afgewezen, nu Omrop Fryslân (nog) niet in verzuim is met betrekking tot de betaling van de transitievergoeding.

5.16.

De kantonrechter ziet geen aanleiding om aan [verweerder] een billijke vergoeding toe te kennen. Gelet op artikel 7:671b lid 8, onderdeel c, BW is voor toekenning van een billijke vergoeding alleen plaats indien de ontbinding van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van een werkgever zich slechts zal voordoen in uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld als een werkgever grovelijk de verplichtingen niet nakomt die voortvloeien uit de arbeidsovereenkomst en er als gevolg daarvan een verstoorde arbeidsverhouding ontstaat of als een werkgever een valse grond voor ontslag aanvoert met als enig oogmerk een onwerkbare situatie te creëren (zie: Kamerstukken II, 2013-2014, 33 818, nr. 3, pag. 34). Een dergelijke situatie doet zich hier niet voor, nu de grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst naar het oordeel van de kantonrechter is gelegen in de onverenigbare karakters van de MT-leden van Omrop Fryslân in samenhang met het handelen van [verweerder] , waardoor er een onherstelbare vertrouwensbreuk met Omrop Fryslân is ontstaan.

5.17.

Nu aan de ontbinding slechts de toekenning van een transitievergoeding wordt verbonden, bestaat er geen aanleiding om Omrop Fryslân in de gelegenheid te stellen haar verzoek in te trekken (zie HR 28 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1812).

5.18.

Ten aanzien van de door [verweerder] verzochte vernietiging van het concurrentiebeding overweegt de kantonrechter als volgt. Hiervoor is geoordeeld dat het eindigen van de arbeidsovereenkomst niet het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van Omrop Fryslân. Artikel 7:653 lid 4 BW kan daarmee geen grondslag kan vormen voor het buiten toepassing laten van het concurrentiebeding. In zoverre dient het verzoek van [verweerder] dan ook te worden afgewezen.

5.19.

[verweerder] heeft subsidiair aan de verzochte vernietiging van het concurrentiebeding een belangenafweging als bedoeld in artikel 7:653 lid 3 sub b BW ten grondslag gelegd. Nu Omrop Fryslân uitdrukkelijk heeft aangegeven dat zij op die basis kan instemmen met vernietiging van het concurrentiebeding zal de kantonrechter partijen hierin volgen en genoemd concurrentiebeding vernietigen.

5.20.

Gelet op de uitkomst van de zaak, is de kantonrechter van oordeel dat het redelijk is dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen.

BESLISSING

De kantonrechter:

1. ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 januari 2019;

2. verklaart voor recht dat aan [verweerder] een transitievergoeding van € 10.641,00 bruto toekomt en veroordeelt Omrop Fryslân om dit bedrag binnen één maand na ontbinding van de arbeidsovereenkomst aan [verweerder] te betalen;

3. vernietigt het concurrentiebeding zoals dat is opgenomen in artikel 11 van de arbeidsovereenkomst van partijen;

4. verklaart deze beschikking voor wat betreft de beslissingen sub. 1 en 3. uitvoerbaar bij voorraad;

5. compenseert de proceskosten aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;

6. wijst af hetgeen meer of anders is verzocht.

Aldus gegeven te Leeuwarden en in het openbaar uitgesproken op 7 november 2018 door

mr. E.Th.M. Zwart-Sneek, kantonrechter, in tegenwoordigheid van mr. M. Postma als griffier.

c 520

De gegevens worden opgehaald

Hulp bij zoeken

Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar voor het zoeken naar uitspraken, met onder andere uitleg over:

Selectiecriteria

De Rechtspraak, Hoge Raad der Nederlanden en Raad van State publiceren uitspraken op basis van selectiecriteria:

  • Uitspraken zaken meervoudige kamers
  • Uitspraken Hoge Raad en appelcolleges
  • Uitspraken met media-aandacht
  • Uitspraken in strafzaken
  • Europees recht
  • Richtinggevende uitspraken
  • Wraking

Weekoverzicht

Selecteer een week en bekijk welke uitspraken er in die week aan het uitsprakenregister zijn toegevoegd.