4.1
Seebregts heeft gevorderd in reconventie, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad,
a. [eiser] te veroordelen tot betaling binnen 3 dagen na betekening van dit vonnis van € 139.959,- subsidiair voor zover verrekening niet (geheel) mogelijk zou zijn
€ 154.880,- althans een in goede justitie vast te stellen vergoeding te vermeerderen met de wettelijke handelsrente, subsidiair wettelijke rente vanaf 27 maart 2016 tot aan de dag der algehele voldoening alsmede de buitengerechtelijke kosten van rechtsbijstand ad € 2.135,- althans door een in goede justitie te bepalen bedrag;
b. [eiser] te veroordelen tot afgifte aan Seebregts & Saey van de volgende informatie, te weten
1. een overzicht van de zaken die [eiser] heeft meegenomen en inmiddels zijn afgerond;
2. een overzicht van de zaken die [eiser] heeft meegenomen en nog niet zijn afgerond, voorzien van de actuele status;
3. zaken waarin de Raad voor Rechtsbijstand vergoedingen heeft vastgesteld en/of uitgekeerd ten behoeve van [eiser] en waarvan de behandeling reeds was aangevangen ten tijde van het dienstverband met Seebregts & Saey voorzien van een opgave van door [eiser] terzake bestede tijd en kopieën van de vaststellingen, waarbij het bij de categorie onder ‘c’ (kntr: bedoeld zal zijn categorie onder “3”) zowel om zaken gaat die [eiser] heeft meegenomen en vaststellingen en/of vergoedingen voor zaken die aan [eiser] zijn uitgekeerd, maar bij Seebregts & Saey in behandeling bleven, althans ten tijde van het dienstverband zijn afgerond.
c. [eiser] te veroordelen om telkens bij de vaststelling van enige vergoeding door de Raad voor Rechtsbijstand aan [eiser] in zaken waarbij [eiser] werkzaamheden heeft verricht tijdens het dienstverband met Seebregts & Saey binnen 10 werkdagen na ontvangst van de vergoeding, aan Seebregts & Saey per vergoeding de volgende informatie te verschaffen
- een schriftelijk verrekeningsvoorstel doet, met gelijktijdige schriftelijke verstrekking van
- de totale urenspecificatie van [eiser] en eventueel andere advocaten die werkzaamheden hebben verricht in die zaak,
- een afschrift van de vergoedingsaanvraag bij de Raad voor Rechtsbijstand, en
- de vaststelling van de vergoeding door de Raad voor Rechtsbijstand;
d. de vorderingen in reconventie sub b en c op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat [eiser] met de nakoming van de verplichtingen in gebreke blijft.
e. [eiser] te veroordelen in de kosten van de procedure.
4.2
Aan haar vordering in reconventie legt Seebregts - zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang – ten grondslag dat [eiser] in de periode van ontslag tot eind maart 2016 in totaal 128 lopende dossiers heeft meegenomen. Op grond van artikel 12 van de arbeidsovereenkomst is [eiser] een bedrag van € 154.880,00 (128 x € 1.000,00 x 1.21 BTW) aan Seebregts verschuldigd. Seebregts heeft haar aanspraak op de vergoeding op basis van het voormelde relatiebeding op grond van artikel 7:632 BW verrekend met het nog uit te betalen loon en bijkomende aanspraken van [eiser]. Er resteert nog een vordering van (€ 154.880,00 - € 14.921,- = ) € 139.959,00.
4.2.1
De door [eiser] meegenomen zaken zijn overwegend zaken op basis van door de Raad voor Rechtsbijstand verstrekte toevoegingen. De Raad voor Rechtsbijstand verstrekt de toevoeging op naam van de behandelende advocaat en rekent met die advocaat ook af. Op de dag dat [eiser] werd geschorst heeft hij de Raad voor Rechtsbijstand meteen geïnstrueerd om aan Seebregts geen enkele informatie meer te verschaffen omtrent lopende zaken en opdracht gegeven alle vergoedingen in verband met zaken die op dat moment op zijn naam stonden, over te maken naar een nieuwe, door [eiser] opgegeven bankrekening.
4.2.2
Voor zover de vergoedingen die de Raad voor Rechtsbijstand heeft overgemaakt naar de door [eiser] opgegeven bankrekening deels betrekking hebben op werkzaamheden die [eiser] heeft verricht toen hij nog in dienst was bij Seebregts en deels op werkzaamheden die hij heeft verricht na beëindiging van het dienstverband, dient genoemde vergoeding naar rato van de aan de zaak bestede tijd te worden verdeeld tussen [eiser] en Seebregts.
4.2.3
Tot op heden heeft [eiser] nog geen enkele vergoeding doorgestort, daartoe een voorstel gedaan of daadwerkelijk verrekend. Gezien de inmiddels verlopen tijd vanaf de overdracht van de dossiers heeft [eiser] ongetwijfeld reeds geldsommen van de Raad voor Rechtsbijstand, althans cliënten, ontvangen. Seebregts heeft thans recht en belang bij deze informatie teneinde de overgedragen dossiers financieel te kunnen afwikkelen.
4.3
[eiser] heeft tegen de vordering in reconventie verweer gevoerd. Hij heeft – zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang – aangevoerd dat hij de strafzaken van cliënten met wie hij een vertrouwensrelatie had en welke cliënten ook verder door hem wilden worden bijgestaan heeft meegenomen. Hij heeft zijn activiteiten als een eenmanszaak verder gecontinueerd en de dossiers verder behandeld. De dossiers betroffen tweeërlei: 1. Reeds afgedane zaken waarbij de inhoud van de dossiers van belang was in verband met een ingesteld appel; 2. Nog niet afgedane zaken die wel waren aangevangen in de periode dat [eiser] in loondienst als advocaat werkzaam was bij Seebregts. Het verstrekken van inlichtingen door de Raad voor Rechtsbijstand is van geen belang voor Seebregts. De opbrengst van de toevoegingen komt toe aan [eiser], tenzij Seebregts aannemelijk kan maken dat in de periode dat hij werkzaam was bij Seebregts uit die toevoegingen omzet is gegenereerd die Seebregts dan zou toekomen. Daartoe heeft Seebregts echter geen enkel stuk overgelegd. Indien de kantonrechter dit dienstig acht, is [eiser] bereid om de afrekenstaten van de Raad voor Rechtsbijstand over te leggen.
4.3.1
Voorts betwist [eiser] de geldigheid van het relatiebeding. Hij betwist dat hij “128 lopende dossiers” heeft meegenomen. Sommige dossiers bestonden uit meerdere mappen en sommige hebben geen betrekking op lopende dossiers. De zaken bestaan uit de volgende 4 categorieën:
-
zaken die [eiser] reeds in behandeling had bij aanvang van het dienstverband bij Seebregts en die nog niet waren beëindigd;
-
zaken van cliënten die reeds cliënt waren bij [eiser] voordat hij bij Seebregts in dienst trad;
-
zaken van cliënten die ten tijde van de dienstbetrekking van [eiser] bij Seebregts nadrukkelijk vroegen om door [eiser] te worden bijgestaan en
-
zaken van cliënten die door [eiser] worden voorzien van rechtsbijstand op het uitdrukkelijk verzoek van het kantoor van Seebregts.
Zonodig is [eiser] bereid om een lijst van overgenomen dossiers te overleggen, waarin deze bovengenoemde categorieën worden uitgesplitst.