TSM heeft voorts aangevoerd dat Logistics Solutions ingevolge artikel 29 lid 2 CMR geen beroep kan doen op de limitering van haar aansprakelijkheid op grond van artikel 23 CMR, indien aangenomen wordt dat de opslag van de pakketten bij Logistics Solutions onder de vervoerovereenkomst valt.
Het hof overweegt als volgt. Artikel 29 lid 2 CMR bepaalt, kort samengevat en voor zover hier van belang, dat de vervoerder geen beroep kan doen op limitering bij opzet van zijn ondergeschikte, als de vervoerder voor de bewerkstelliging van het vervoer van de diensten van de ondergeschikte gebruik maakt en de ondergeschikte daarbij handelt in de uitoefening van zijn werkzaamheden.
Partijen zijn het erover eens dat sprake was van opzet van [X] als ondergeschikte van Logistics Solutions. De dienst van [X] is op 15 november 2016 om 20.24 uur aangevangen. Tijdens zijn dienst had hij, samen met zijn collega’s, onder andere de zorg over de onderhavige pakketten, die in het opslagcentrum opgeslagen waren om op 16 november 2016 te worden vervoerd naar de buitenlandse afnemers. Aldus maakte Logistics Solutions voor de bewerkstelliging van het vervoer van deze pakketten gebruik van de diensten van [X] . Of [X] feitelijk handelingen met betrekking tot deze pakketten heeft verricht, zoals scannen en/of sorteren, is daarbij niet van belang.
Dit betekent dat Logistics Solutions geen beroep kan doen op de limitering op grond van artikel 23 CMR. Uit de facturen betreffende de twee pakketten bestemd voor de afnemers in het buitenland (producties 20 en 23 bij akte overlegging producties van
19 november 2018 van TSM) volgt dat de schade door de diefstal van deze pakketten € 265.516 en € 50.353) in totaal € 315.869 beloopt. Dit bedrag is onvoldoende gemotiveerd betwist door Logistics Solutions. Hierbij is aanmerking genomen de idemnity agreement die TSM met Audemars Piguet heeft gesloten voor een hoofdsom van € 993.489, die is opgebouwd uit de factuurbedragen betreffende de horloges uit de gestolen zeven pakketten (producties 17 en 19 tot en met 24 bij akte overlegging producties van 19 november 2018 van TSM).
Het bedrag van € 315.869 is dan ook voor toewijzing vatbaar. De wettelijke rente zal worden toegewezen als gevorderd, nu geen verweer is gevoerd tegen de verschuldigd-heid daarvan of tegen de bij appeldagvaarding genoemde datum van ingang daarvan. Weliswaar bevat artikel 27 CMR een eigen regeling, maar daarop is door geen van beide partijen een beroep gedaan en die regeling is niet van openbare orde.