3.1. (
i) Upstream was een reclamebureau. [A] (hierna: [A] ) was de indirect bestuurder van Upstream. [B] (hierna: [B] ) is vanaf 2005 enige tijd werkzaam geweest bij Upstream, eerst als freelance medewerker en uiteindelijk als managing partner.
(ii) EWI is een non-profit organisatie die op ideële gronden flessen water, koffie en thee verkoopt. Sinds 2004 gebruikt EWI de naam ‘Earth Water’ als handelsnaam voor haar onderneming en als merk voor door haar verkocht drinkwater. EWI is houdster van het Canadese merkrecht op het woord- en beeldmerk ‘Earth Water’. Oprichter en bestuurder van EWI is de heer [C] .
(iii) Upstream heeft een op 5 april 2007 gedateerde overeenkomst, gesloten tussen Upstream en Earth Water Europe B.V., overgelegd. De overeenkomst is namens Earth Water Europe B.V. door [D] (hierna: [D] ) en [B] getekend en namens Upstream door [A] . In deze overeenkomst is onder meer het volgende bepaald:
Zoals overeengekomen komen alle uit de opdracht voortkomende rechten van Intellectuele eigendom toe aan Upstream Advertising. Voor zover een dergelijk recht slechts verkregen kan worden door een depot of registratie, dan is uitsluitend Upstream Advertising daartoe bevoegd.
(iv) Op 11 mei 2007 heeft EWI de vennootschap Earth Water Europe B.V.
(hierna: EWE) opgericht voor de exploitatie van haar onderneming in Europa.
[B] was per 1 juli 2007 directeur van EWE en ook [D] was werkzaam voor EWE.
( v) Upstream heeft tevens een op 12 november 2007 gedateerde
overeenkomst, gesloten tussen Upstream en EWE, overgelegd, waarin het
volgende, voor zover hier van belang, is bepaald:
Upstream is houder van het Benelux en Gemeenschaps beeld en woord merk Earth Water, gedeponeerd als Benelux woordmerk op 3 juni 2008, onder nummer 0846223 voor waren en/of diensten in de klasse(n) 32, 35, 36 (hierna: het Merk);
Upstream ontwikkelt ten behoeve van EWE huisstijl, reclamematerialen, website, logo en verpakkingen (hierna het Product) (...)
Art. 1.
1. Upstream verleent hierbij aan EWE het recht om het Merk binnen Europa (...) te gebruiken, (...).
(vi) Op 3 juni 2008 heeft Upstream bij het Benelux-Bureau voor de
Intellectuele Eigendom (hierna: het BBIE) het woordmerk ‘Earth Water’ gedeponeerd, voor waren in de klassen 32 (bier en - samengevat - mineraalwater en frisdrank), klasse 35 (reclame en promotie) en klasse 36 (fondsenwerving). Dit woordmerk heeft het inschrijvingsnummer [nummer] en het depotnummer [nummer] .
(vii) Op 3 augustus 2009 heeft Upstream bij het BBIE ook een beeldmerk gedeponeerd, bestaande uit de woorden EARTH in grote letters (horizontaal) en WATER in kleine letters (verticaal) voor waren in de klassen 32, 35 en 36 gedeponeerd. Dit beeldmerk heeft het inschrijvingsnummer [nummer] en het depotnummer [nummer] .
(viii) Op 1 juli 2010 is Earth Concepts opgericht. Earth Concepts houdt zich onder meer bezig met de productie van mineraalwater en overig gebotteld water.
(ix) Earth Concepts heeft een licentieovereenkomst met als datum van ondertekening
1 november 2010 overgelegd, waarbij Upstream aan Earth Concepts een
licentie verleent voor het gebruik van het hiervoor onder vi en vii vermelde beeld- en
woordmerk ‘Earth Water’ (hierna: de Benelux-merken Earth Water). Deze
licentieovereenkomst is namens Earth Concepts door [D] ondertekend en vermeldt, voor zover hier van belang, het volgende:
4.4.
Upstream zal na het verzoek van EARTH Concepts tot overdracht van het Merk danwel na ommekomst van de termijn in artikel 4.3. zonder voorbehoud alle medewerking verlenen aan de overdracht van het Merk en Product aan EARTH Concepts.
(x) Earth Concepts heeft tevens een op 1 november 2010 ondertekende
samenwerkingsovereenkomst, gesloten tussen Upstream en Earth Concepts, overgelegd. Deze overeenkomst is namens Earth Concepts door [D] ondertekend en vermeldt, voor zover hier van belang, het volgende:
(...) Rechten van intellectuele eigendom: EARTH
1) Zoals overeengekomen komen alle uit de opdracht voortkomende rechten van
intellectuele eigendom toe aan Upstream Advertising B.V. Voor zover een dergelijk
recht slechts verkregen kan worden door een depot of registratie, dan is uitsluitend
Upstream Advertising daartoe bevoegd.
(...)
7) De duur van deze overeenkomst is, tenzij in overleg anders wordt overeengekomen, gelden voor onbepaalde tijd.
8) In geval van een faillissement EARTH Concepts vervallen overeengekomen afspraken.
In geval van faillissement Upstream Advertising zullen de merknamen aan EARTH
Concepts worden overgedragen tegen de vergoeding van de door Upstream Advertising gemaakte registratie-kosten.
(xi) In een door Earth Concepts overgelegd uittreksel uit het handelsregister, staat [D]
als directeur en gevolmachtigde (sinds 1 april 2011) vermeld, en staan [D] en [B] tevens vermeld als indirect (namelijk via hun holdings) bestuurders (met ingang van 30 december 2011).
(xii) Bij dagvaarding van 17 oktober 2012 heeft EWI Upstream gedagvaard voor de rechtbank Amsterdam. EWI vorderde in die procedure onder meer Upstream te gebieden de inschrijving van de Benelux-merken Earth Water over te dragen aan EWI, subsidiair de inschrijving van (onder andere) die merken nietig te verklaren en daarvan ambtshalve doorhaling te gelasten.
(xiii) Bij vonnis van 14 augustus 2013 heeft de rechtbank Amsterdam de zaak met betrekking tot de gevorderde nietigverklaring van het Gemeenschapsmerk Earth Coffee, met registratienummer CTM 9508789, doorverwezen naar de rechtbank Den Haag en de overige vorderingen afgewezen. In rechtsoverweging 4.10 van dat vonnis heeft de rechtbank Amsterdam geoordeeld dat niet is komen vast te staan dat Upstream op de momenten van het depot van de Benelux-merken Earth Water te kwader trouw was. Nadat EWI daartegen in hoger beroep was gegaan hebben EWI en Upstream een minnelijke regeling bereikt als gevolg waarvan de procedure is doorgehaald.
(xiv) Bij e-mail van 7 april 2014 heeft [D] , waarbij hij heeft gesteld in opdracht van en namens [A] te handelen, Onel Trademarks, het bedrijf dat namens Upstream de merkenregistraties heeft verzorgd, verzocht om de Benelux-merken Earth Water over te dragen aan de op 1 april 2014 opgerichte Stichting Ynda. [A] heeft daarop in een e-mail van eveneens 7 april 2014 aan [D] en Onel Trademarks meegedeeld dat hij geen toestemming geeft voor het overdragen van de rechten op de merken.
(xv) Als bijlagen bij een e-mail van 15 april 2014, heeft [D] aan [A] een tweetal overeenkomsten met als datum 1 november 2010 gezonden. Eén overeenkomst betreft de hiervoor onder (x) reeds vermelde overeenkomst. De andere overeenkomst, die ongetekend is, betreft een nagenoeg gelijke versie van die overeenkomst, maar waarbij in artikel 7 is bepaald dat de overeenkomst geldig is tot 31 oktober 2013 en dat de merkregistraties daarna ter overdraging aan Earth Concepts zullen worden aangeboden. In de begeleidende e-mail staat, voor zover hier van belang, het volgende:
Hey [A] ,
De getekende overeenkomst en de overeenkomst die iets later is opgemaakt om jou uit de directe rechtzaak te halen. (...) Vrijdag middag even afspreken om alles af te ronden en te ondertekenen?(…)
(xvi) Earth Concepts heeft op 6 juni 2014, na daartoe verkregen verlof van de
voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam, bij het BBIE, ten laste van Upstream, conservatoir beslag tot levering gelegd op de Benelux-merken Earth Water.
(xvii) Earth Concepts heeft op 13 juni 2014, na daartoe verkregen verlof van de
voorzieningenrechter van diezelfde rechtbank, bij het BBIE, ten laste van Upstream, conservatoir beslag gelegd op het Benelux-woordmerk Earth, op het Benelux-woordmerk Earth Wine, op het Europese woordmerk Earth Coffee, op het internationale woordmerk Earth Water en op het internationale beeldmerk Earth Water.
(xviii) In een vaststellingsovereenkomst van 13 juni 2014 heeft Upstream
onder meer de Benelux-merken Earth Water om niet aan EWI en Earth Group Holdings overgedragen.
(xix) Earth Concepts heeft op 4 juli 2014, na daartoe verkregen verlof van de
voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam, bij Upstream conservatoir beslag gelegd op de Benelux-merken Earth Water, op het Benelux-woordmerk Earth, op het Benelux-woordmerk Earth Wine, op het Europese woordmerk Earth Coffee, op het internationale woordmerk Earth Water en op het internationale beeldmerk Earth Water.
(xx) Bij brief van 21 juli 2014 heeft het BBIE het volgende, voor zover hier van belang, aan onder meer de advocaat van Upstream meegedeeld:
Betreft: betwisting aantekening licentie - EARTH WATER (846223); EARTH WATER (867238)
(...)
Wij ontvingen op 5 juni 2014 van Onel Trademarks een verzoek tot aantekening van licentie op voornoemde merken. De aantekening (...) werd verzocht ten behoeve van:
Earth Concepts B.V.
(...)
Op 6 juni 2014 (...) en 4 juli 2014 (...) werd beslag gelegd op de beide merken door Earth Concepts B.V.
Op 20 juni 204 werd door Noordzij Partners B.V. een aantekening tot overdracht (...) ingediend namens Upstream Advertising voor (onder meer) beide merken aan:
EARTH GROUP HOLDINGS LTD
(...)
Op 11 juli 2014 ontvingen wij een verzoek van Heijkant Advocaten (...) namens merkhouder Upstream Advertising B.V., waarin de aantekening van licentie (voornoemd) wordt betwist, waarbij wordt gevraagd om intrekking van dit verzoek.
Wij stellen vast dat er kennelijk tussen partijen een verschil van mening bestaat over de geldigheid van de licentieovereenkomst. Het BBIE kan dit geschil niet beslechten en is daar ook niet toe bevoegd. Partijen zullen dit onderling moeten doen en indien zij daar niet in slagen hun conflict voor moeten leggen aan de rechter.
Wij zullen alle verzoeken die betrekking hebben op dit merk dan ook aanhouden en nodigen u uit om, zoveel mogelijk eensluidend, uw standpunt terzake nader toe te lichten.
(xxi) Bij vonnis van 11 september 2014 heeft de voorzieningenrechter in de
rechtbank Amsterdam de vordering van Upstream tot opheffing van de door Earth Concepts gelegde beslagen afgewezen.
(xxii) Bij vonnis van 20 januari 2015 heeft de rechtbank Amsterdam Upstream in staat van faillissement verklaard, met benoeming van mr. M. Malycha tot curator.
(xxiii) Bij beschikking van 21 juli 2015 is mr. Malycha vervangen door mr. R.J. van der Weijden als curator (hierna: de curator) in het faillissement van Upstream.
(xxiv) Zowel de curator als de rechter-commissaris in dat faillissement hebben zich op het standpunt gesteld dat de overdracht van de Benelux-merken in de vaststellingsovereenkomst van 13 juni 2014 rechtsgeldig heeft plaatsgevonden en dat de merken niet langer tot de boedel behoren. Een verzoek van onder meer Earth Concepts, op grond van artikel 69 Faillissementswet (Fw), om de curator op te dragen de overdracht van die Benelux-merken buitengerechtelijk te vernietigen en deze merken ten bate van de gezamenlijke crediteuren te gelde te maken, heeft de rechter-commissaris bij beschikking van 2 februari 2016 afgewezen.
(xxv) Bij beschikking van 3 februari 2017 heeft de rechtbank Amsterdam het beroep van onder meer Earth Concepts tegen de beschikking van de rechter-commissaris van 2 februari 2016, ongegrond verklaard.
(xxvi) Het faillissement is bij beschikking d.d. 29 augustus 2017 wegens de toestand van de boedel opgeheven.