de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Levola Hengelo B.V.,
gevestigd te Hengelo,
appellante,
in eerste aanleg: eiseres,
hierna: Levola,
advocaat: mr. F.A.M. Knüppe,
tegen:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Smilde Foods B.V.,
gevestigd te Heerenveen,
geïntimeerde,
in eerste aanleg: gedaagde,
hierna: Smilde,
advocaat: mr. T. Cohen Jehoram.
1 Het geding in eerste aanleg
Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van de vonnissen van
21 januari 2015 en 10 juni 2015 die de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem heeft gewezen.
2 Het geding in hoger beroep
2.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding in hoger beroep d.d. 27 augustus 2015,
- de memorie van grieven,
- de memorie van antwoord (met producties).
2.2
Partijen hebben opgave gedaan van hun verhinderingen en Levola heeft het volledige procesdossier overgelegd.
3 De beoordeling van het geschil in hoger beroep
3.1
Het hof ziet aanleiding een meervoudige comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het inwinnen van inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling. Partijen worden tevens in de gelegenheid gesteld hun standpunten toe te lichten.
3.2
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
4 De beslissing
Het hof, recht doende in hoger beroep:
bepaalt dat partijen vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte en tot het geven van de verlangde inlichtingen in staat is en bevoegd is tot het aangaan van een schikking samen met hun advocaten zullen verschijnen voor de meervoudige kamer van het hof;
bepaalt dat partijen gelegenheid krijgen om te pleiten tijdens de comparitie van partijen;
bepaalt dat de zitting zal worden gehouden in het paleis van justitie aan de Walburgstraat 2-4 te Arnhem op 16 januari 2017 om 14.00 uur;
bepaalt dat indien een partij bij gelegenheid van de comparitie van partijen nog een proces-handeling wenst te verrichten of producties in het geding wenst te brengen, deze partij ervoor dient te zorgen dat het hof en de wederpartij uiterlijk twee weken voor de dag van de zitting een afschrift van de te verrichten proceshandeling of de in het geding te brengen producties hebben ontvangen;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. I.A. Katz-Soeterboek, F.W.J. Meijer en B.J. Lenselink en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 31 mei 2016.
De gegevens worden opgehaald
Hulp bij zoeken
Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar voor het zoeken naar uitspraken, met onder andere uitleg over: