Boeringher heeft daartoe gesteld, kort gezegd, dat Omega Pharma met de reclame-uitingen voor haar Bronchostop producten in strijd handelt met artikel 5 van de Code voor de Publieksreclame voor Geneesmiddelen (CPG) en artikel 84 van de Geneesmiddelenwet. Omega Pharma begaat daarmee een onrechtmatige daad in de zin van artikel 6:162 BW. Daarnaast heeft zij gesteld dat de reclame-uitingen kunnen worden gekwalificeerd als misleidende reclame in de zin van artikel 6:194 BW.
Volgens Boeringher is allereerst onjuist dat, zoals Omega Pharma in haar reclame-uitingen claimt, de Bronchostop producten voor elke hoest zijn. De Bronchostop producten zijn namelijk kruidengeneesmiddelen die uitsluitend werken bij hoest als gevolg van een verkoudheid. Ze zijn niet effectief bij andere soorten hoest. De SmPC registratie vermeldt dan ook nadrukkelijk ‘bij hoest tijdens een verkoudheid’. Door in haar reclame-uitingen ‘tijdens een verkoudheid’ weg te laten wordt de indruk gewekt dat de Bronchostop producten effectief zijn bij alle soorten hoest, hetgeen in strijd met de waarheid is. Voor de hoestpastilles geldt bovendien dat ze alleen zijn geregistreerd als slijmoplossend middel bij hoest en voor verzachting van de keel tijdens een verkoudheid en dus niet voor een droge- of prikkelhoest. Consumenten die op zoek zijn naar een product voor hoest veroorzaakt door iets anders dan een verkoudheid (bijvoorbeeld door rook, airconditioning, gassen, koude en warme luchten en het schrapen van de keel) kunnen door de onjuiste informatie van Omega Pharma de indruk krijgen dat de Bronchostop producten ook daarvoor effectief zijn. Dat is misleidend.
Omega Pharma claimt verder dat de Bronchostop producten ‘bewezen effectieve ingrediënten’ bevatten. Daarmee wekt zij bij de consument de indruk dat de toepassingen zijn gebaseerd op klinisch bewijs, terwijl uit de aard van de Bronchostop producten als traditioneel kruidengeneesmiddel nu juist volgt dat de toepassingen uitsluitend zijn gebaseerd op traditioneel gebruik.
Volgens Boeringher is het ook misleidend dat Omega Pharma in haar reclame uitingen claimt dat er sprake is van een unieke combinatie van ingrediënten in de Bronchostop producten. Bij de hoestpastilles is er in het geheel geen sprake van een combinatie van ingrediënten omdat daarin uitsluitend het tijmextract zit en de combinatie van tijm en heemstwortel, zoals dat in de hoestdrank zit, is volgens Boeringher niet uniek.
Ten slotte maakt Boeringher bezwaar tegen de claim van Omega Pharma dat het bij de Bronchostop producten om een nieuwe behandeling gaat.
Volgens Boeringher wordt de gemiddelde oplettende consument door de reclame-uitingen van Omega Pharma misleid en dienen deze uitlatingen derhalve te worden gestaakt. Boeringher stelt een spoedeisend belang bij haar vorderingen te hebben omdat met de misleidende reclame van Omega Pharma schade wordt toegebracht aan de marktpositie en het succes van de producten van Boehringer. Verder is volgens Boeringher de gezondheidszorg in het geding omdat consumenten met een ander, misschien wel ernstiger, probleem dan verkoudheid gebruik gaan maken van de Bronchostop producten terwijl die geen effect zullen hebben.