vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht
zaaknummer: 9585499 \ CV EXPL 21-17642
vonnis van: 21 februari 2022
fno.: 364
vonnis van de kantonrechter
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheidBRISK ICT B.V. t.h.o.d.n. SwapMac
gevestigd te Groningen
eiseres
nader te noemen: Brisk ICT
gemachtigde: mr. H.W. Meijer, Florijn Incasso B.V.
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde
nader te noemen: [gedaagde]
niet verschenen.
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
Bij exploot van dagvaarding van 1 december 2021, met producties, heeft Brisk ICT gevorderd zoals omschreven in de dagvaarding.
[gedaagde] heeft geen uitstel verzocht en evenmin uiterlijk op de in de dagvaarding vermelde terechtzitting geantwoord. Tegen hem is verstek verleend, waarna vonnis is bepaald.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
1. Brisk ICT vordert [gedaagde] te veroordelen tot betaling van € 267,82 aan hoofdsom, wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. Daarnaast vordert Brisk ICT [gedaagde] te veroordelen om de aan hem ter beschikking gestelde MacBook Pro binnen twee weken na betekening van het vonnis aan Brisk ICT af te geven in onbeschadigde staat, op straffe van een onmiddellijk opeisbare schadevergoeding van € 1.390,- indien [gedaagde] daarmee in gebreke blijft, alles met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van de procedure.
2. Brisk ICT stelt dat [gedaagde] zich op de website van Brisk ICT heeft aangemeld voor het huren van een MacBook Pro. [gedaagde] heeft vervolgens het aanbod van Brisk ICT geaccepteerd en daarmee is hij expliciet akkoord gegaan met de maandelijkse vergoeding van € 59,95 en de algemene voorwaarden. [gedaagde] heeft vervolgens de MacBook op 7 april 2021 in ontvangst genomen door middel van het tekenen van een leveringsovereenkomst. Ook na aanmaning heeft [gedaagde] volgens Brisk ICT niet aan zijn betalingsverplichting voldaan. Brisk ICT heeft de overeenkomst daarom beëindigd en [gedaagde] opnieuw gesommeerd de achterstallige betalingen te voldoen en de MacBook binnen vijf dagen te retourneren. Ook hieraan heeft [gedaagde] niet voldaan.
3. Vooropgesteld wordt dat de dagvaarding de eis en gronden daarvan moet vermelden en dat Brisk ICT de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid moet aanvoeren.
4. Verder blijkt uit de dagvaarding dat Brisk ICT de overeenkomst is aangegaan als handelaar en [gedaagde] als consument. In dat geval moet ambtshalve worden onderzocht of bedingen die in de overeenkomst staan oneerlijk zijn in de zin van Richtlijn 93/13 EG, of de handelaar de betreffende informatieplichten heeft nageleefd en of wellicht sprake is van oneerlijke handelspraktijken.
5. Uit de stellingen van Brisk ICT en de bijgevoegde stukken – waarvan de leveringsovereenkomst overigens onleesbaar is – wordt opgemaakt dat het gaat om een online gesloten overeenkomst, oftewel een overeenkomst op afstand, waarbij sprake is van verhuur van een roerende zaak. Brisk ICT heeft bij het aangaan van de overeenkomst daarom moeten voldoen aan de informatieplichten van artikel 6:230m e.v. BW en aan het vereiste van de zogenaamde bestelknop van artikel 6:230v lid 3 BW. Dat laatste houdt in dat Brisk ICT haar bestelproces op zodanige wijze heeft ingericht dat [gedaagde] het aanbod niet kon aanvaarden dan nadat hem op niet voor misverstand vatbare wijze duidelijk was gemaakt dat de bestelling een betalingsverplichting inhield. Een overeenkomst die tot stand komt in strijd met 6:230v lid 3 BW is vernietigbaar.
6. Uit de door Brisk ICT als productie 2 overgelegde schermafdrukken van haar website wordt opgemaakt dat in ieder geval niet aan dit vereiste is voldaan. Op of rond de knop “Bestel nu” is geen melding gedaan van een betalingsverplichting, zodat het voor [gedaagde] niet duidelijk was dat hij met het aanklikken van de knop zich verplichtte tot het betalen van een maandelijkse vergoeding aan Brisk ICT. Overigens, zo laat bladzijde 3 van de schermafdrukken zien, was [gedaagde] op het moment van aanklikken van de bestelknop nog niet eens gevraagd om betaalgegevens, zodat [gedaagde] er sowieso niet op bedacht hoefde zijn dat hij zich met een klik op de bestelknop zou vastleggen. Hieruit volgt dat Brisk ICT haar bestelproces niet heeft ingericht zoals zou moeten volgens lid 3 van artikel 6:230v BW. De kantonrechter heeft daarom het voornemen om de overeenkomst (gedeeltelijk) te vernietigen, in die zin dat de betalingsverplichting van [gedaagde] wordt vernietigd en de vordering in zoverre wordt afgewezen. Brisk ICT mag zich daarover eerst nog uitlaten.
7. De zaak wordt daartoe naar de rol verwezen. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.