Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de beschikking van 1 oktober 2013 waarbij [A] Beton is toegestaan Livingroof te dagvaarden in de versnelde bodemprocedure in octrooizaken;
- de dagvaarding van 2 oktober 2013;
- de akte houdende overlegging producties 1 tot en met 25 van [A] Beton, waaronder een opgave van de proceskosten;
- de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie, van Livingroof van 23 april 2014, met producties A tot en met J, waaronder een opgave van de proceskosten;
- de conclusie van antwoord in reconventie, tevens akte van uitbreiding van de grondslag van de eis in conventie, met producties 26 en 27 van [A] Beton van 25 juni 2014;
- het e-mail bericht van 26 juni 2014 zijdens Livingroof waarbij bezwaar is gemaakt tegen de akte uitbreiding grondslag van eis in conventie en de rechtbank is verzocht die te weigeren;
- de rolbeslissing waarbij de conclusie van antwoord in zoverre is geweigerd ter rolle van 25 juni 2014, dat geen acht wordt geslagen op de aanvulling van de grondslag van de eis in conventie;
- het verzoek van mr. Mazel van 14 juli 2014 aan de rechtbank om de zaak naar de rol te verwijzen voor tussenvonnis en het pleidooi vooralsnog geen doorgang te laten vinden;
- de akte van hervatting van het van rechtswege geschorste geding van [A] Beton van 10 september 2014;
- de bij brief van 10 september 2014 toegezonden aanvullende opgave van de proceskosten van Livingroof;
- de bij brief van 1 oktober 2014 toegezonden aanvullende opgave van de proceskosten van Livingroof;
- de bij brief van 2 oktober 2014 toegezonden aanvullende opgave van de proceskosten van [A] Beton;
- het pleidooi gehouden op 3 oktober 2014, ter gelegenheid waarvan de raadslieden pleitnota’s hebben overgelegd, die van [A] Beton vergezeld van twee tekeningen.