uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] eiser
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. A. Jankie),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 8 juli 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser ingewilligd.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechter doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. Op grond van artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Awb moet een beroepschrift de gronden van het beroep bevatten. Op grond van artikel 6:6, aanhef en onder a, van de Awb kan een beroep niet-ontvankelijk worden verklaard indien niet is voldaan aan artikel 6:5, mits de indiener de gelegenheid heeft gehad om het verzuim te herstellen binnen een hem daartoe gestelde termijn. Op grond van artikel 2,4, eerste lid, van het Procesreglement bestuursrecht rechtbanken wordt deze termijn gesteld op vier weken.
2. Eiser heeft op 5 augustus 2022 beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Hierbij zijn geen gronden vermeld.
3. De griffier heeft bij bericht in het digitale dossier van 10 augustus 2022 aan eiser medegedeeld dat bij het indienen van het beroepschrift geen gronden zijn vermeld. Aan eiser is daarbij de mogelijkheid geboden om binnen vier weken alsnog gronden te vermelden. Ook is eiser hierbij medegedeeld dat het beroep anders niet-ontvankelijk kan worden verklaard.
4. Eiser heeft niet binnen de gestelde termijn gereageerd. Er is dus ook niet gebleken van feiten of omstandigheden op grond waarvan niet-ontvankelijkheidverklaring van het beroep achterwege dient te blijven.
5. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. E.C. Jacobs, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.
De gegevens worden opgehaald
Hulp bij zoeken
Er is een uitgebreide handleiding beschikbaar voor het zoeken naar uitspraken, met onder andere uitleg over: