2.1.
[eiser] is op 8 juni 2015 betrokken geraakt bij een verkeersongeval, waarbij hij op zijn motor is aangereden door een links af slaande auto. Bij dit ongeval heeft [eiser] lichamelijk letsel opgelopen.
2.3.
Ten tijde van het ongeval had [eiser] een Combipolis bij NH1816, waaronder door hem een zevental verzekeringen zijn afgesloten. Onder deze polis heeft hij onder meer een zogenoemde no fault (first party) verzekering in de vorm van een schadeverzekering voor in-/opzittenden (hierna: SVI) afgesloten. Deze verzekering biedt dekking tot een bedrag van € 150.000,00. Ook heeft hij onder de Combipolis een rechtsbijstandverzekering bij de [rechtsbijstandsverzekeraar] afgesloten.
2.4.
Op het polisblad (ingangsdatum 1 augustus 2014) waren de bijzondere voorwaarden rubriek E(3) ‘Bijzondere voorwaarden schadeverzekering voor in-/opzittenden (SVI)’ (hierna: de bijzondere voorwaarden) op de SVI van toepassing, die zijn overgelegd als productie 2 bij conclusie van antwoord.
2.5.
In de bijzondere voorwaarden staat, voor zover van belang, het volgende opgenomen:
“
Artikel 2 – Omvang van de dekking
De verzekering dekt, voor alle verzekerden tezamen tot ten hoogste het op het polisblad vermelde verzekerde bedrag per gebeurtenis, schade ten gevolge van het verkeersongeval, waarbij sprake is van
a. lichamelijk letsel, al dan niet de dood van de verzekerde(n) ten gevolge hebbend;
b. beschadiging of vernietiging van met het motorrijtuig meegevoerde zaken, die behoren tot de particuliere huishouding van verzekerde(n).
Artikel 5 – Schadevaststelling/Beperking van de uitkeringen
1. De hoogte van de schadevergoeding waarop de verzekerde uit hoofde van deze verzekering aanspraak kan maken, wordt vastgesteld overeenkomstig de daartoe strekkende bepalingen in afdeling 6.1.10. van het Burgerlijk Wetboek.
(…)
3. Als de verzekerde geheel of gedeeltelijk recht heeft op vergoeding krachtens een andere verzekering of op uitkeringen of verstrekkingen uit andere hoofde, kan voor dat deel geen beroep worden gedaan op deze verzekering.
Kan verzekerde daarentegen, wegens aansprakelijkheid van een ander, rechten ontlenen aan een WAM-polis, dan kan hij wel een beroep doen op deze verzekering. (…)”
2.6.
[WAM-verzekeraar] heeft een bedrag van in totaal € 8.000,00 (2 x € 4.000,00) aan [eiser] vergoed als algemeen voorschot op de buitengerechtelijke kosten.