3.1.
Roosegaarde c.s. vordert dat de voorzieningenrechter bij vonnis, voorzover mogelijk, uitvoerbaar bij voorraad:
Primair
1. de gemeente zal bevelen om, onmiddellijk na de betekening van dit vonnis,
iedere inbreuk op de persoonlijkheidsrechten van Roosegaarde c.s. te staken en gestaakt te houden door de Luifelverlichting blijvend uit te schakelen zodanig dat de Beoogde Situatie wordt hersteld;
2. de gemeente zal bevelen tot nakoming, onmiddellijk na de betekening van dit vonnis, van de in artikel 1 sub 1, sub 3 en sub 5 Overeenkomst bestaande verplichtingen, door de Luifelverlichting blijvend uit te schakelen zodanig dat de Beoogde Situatie wordt hersteld en de door Roosegaarde c.s. gemaakte kosten aan Roosegaarde c.s. te betalen.
3. de gemeente zal bevelen om, binnen zeven (7) dagen na betekening van dit vonnis, in overleg te treden met Roosegaarde c.s. en (tegen vergoeding van de kosten en schade van Roosgaarde c.s.) een nieuw lichtplan te maken en uit te voeren zodanig dat de inbreuk op de rechten van Roosegaarde c.s. wordt beëindigd, waarbij, mocht de gemeente dit niet binnen een maand na betekening van het te dezen te wijzen vonnis voltooid hebben, de gemeente wordt bevolen na die maand de Luifelverlichting blijvend uit te schakelen totdat het nieuwe lichtplan naar wens van Roosegaarde c.s. is uitgevoerd;
4. de gemeente zal veroordelen om aan Roosegaarde c.s., ten titel van dwangsommen, onmiddellijk opeisbaar en niet voor matiging vatbaar bedrag van EUR 5.000,-- (zegge: vijfduizend Euro) te betalen voor iedere dag, een gedeelte van een dag daaronder begrepen, of - zulks ter keuze van Roosegaarde c.s. voor iedere keer, dat de gemeente in strijd handelt of laat handelen met het hiervoor onder sub 1, 2, en/of sub 3 gevorderde;
5. de gemeente zal veroordelen in de volledige kosten van deze procedure op grond van artikel 1019h Rv, bestaande uit de gerechtskosten en de andere feitelijk door Roosegaarde c.s. gemaakte kosten, waaronder het volledige salaris en de verschotten van hun advocaat, dan wel een ander in goede justitie te bepalen bedrag ter vergoeding van de redelijke en evenredige gerechtskosten en andere kosten die Roosegaarde c.s. hebben gemaakt.
3.2.
Roosegaarde c.s. stelt daartoe - samengevat - het volgende. Het lichtkunstwerk is een auteursrechtelijk beschermd werk in de zin van artikel 10 Auteurswet (Aw). De gemeente heeft het lichtkunstwerk in 2012 aanvaard in de staat die het toen had. De gemeente heeft zonder aankondiging of afstemming de luifelverlichting aangedaan.
Door het inschakelen van de luifelverlichting is sprake van een openbaarmaking van het lichtkunstwerk zonder toestemming van Roosegaarde c.s., hetgeen een inbreuk op zijn auteursrecht oplevert. Roosegaarde c.s. heeft in zijn hoedanigheid van auteursrechthebbende op grond van art. 25 Aw jo art. 10 Aw het recht zich te verzetten tegen elke wijziging in het werk (art. 25 lid 1 sub c Aw) en het recht zich te verzetten tegen elke misvorming, verminking of andere aantasting van het lichtkunstwerk (art. 25 lid 1 sub d Aw). Roosegaarde c.s. stelt schade te lijden omdat het nu ontstane effect en de huidige staat van het lichtkunstwerk hun reputatie als kunstenaar(s) aantast. Hij stelt een spoedeisend belang te hebben bij zijn vordering. Dit belang vloeit voort uit het voortdurende karakter van de inbreuk op zijn persoonlijkheidsrechten.
3.3.
De gemeente voert verweer. Zij voert - samengevat weergegeven aan - dat Roosegaarde c.s. haar verplichtingen uit de overeenkomst niet nakomt, nu het kunstwerk het uitzetten van de lokale verlichting niet compenseert. Roosegaarde c.s. verkeert derhalve in schuldeisersverzuim en de gemeente is bevoegd haar verplichtingen uit de overeenkomst op te schorten. De gemeente wordt sinds de oplevering geconfronteerd met klachten van bezoekers en valpartijen, zelfs met botbreuken tot gevolg, omdat het plein voor het theater en de trappen naar het theater te donker zijn. De gemeente beroept zich op een door haar in het geding gebracht lichtrapport d.d. 16 maart 2015, waaruit volgens haar blijkt dat het licht uit de pilaren de uitschakeling van de luifelverlichting geenszins compenseert. De gemeente betwist daarnaast het beroep van Roosegaarde c.s. op de schending van persoonlijkheidsrechten. De gemeente betwist het spoedeisend belang bij de vorderingen van Roosegaarde c.s., nu sinds 19 februari jl. de luifelverlichting is uitgeschakeld. De gemeente meent daarnaast dat de onderhavige zaak zich niet goed leent voor een kort geding.