In onderling overleg is de arbeidsovereenkomst met ingang van 1 juni 2018 beëindigd. Op 5 juni 2018 hebben [eiser/verweerder] en [naam] namens [Transportbedrijf] BV (hierna te noemen: [naam] ) de overeenkomst met als titel "Beëindiging mede aandeelhouderschap" getekend en voor akkoord bevonden. In deze overeenkomst is het volgende opgenomen, voor zover hier van belang:
[eiser/verweerder] heeft vandaag op kantoor te [plaatsnaam] aangegeven te willen stoppen als medeaandeelhouder van [Transportbedrijf] BV.
[eiser/verweerder] is mede eigenaar en heeft in 2017 en 2018 niet als chauffeur in loondienst gezeten bij [Transportbedrijf] BV. Hij heeft toen een management fee genoten.
De afspraak onder de medeaandeelhouders is dat ieder voor zich privé de lasten en belasting ging betalen.
Door [Transportbedrijf] BV is aangeboden om de aangifte te laten verzorgen door de boekhouder van [Transportbedrijf] BV. De kosten voor de aangifte zullen door [Transportbedrijf] bv vergoed aan de boekhouder.
Het geld waar [eiser/verweerder] nog recht op heeft van mei zal zsm overgemaakt worden. en de brandstof rekening ter grootte € 500,- inclusief btw zal voldaan.
Het aandelen bedrag wat nog betaald dient te worden aan A.I.V.A holding BV ter
grootte van €3500,-
Hoeft dan niet meer betaald te worden door [eiser/verweerder] .
eventuele overeenkomsten gesloten voor deze zullen niet meer geldig zijn.
De mede aandeelhouders zijn hiervan op de hoogte en gaan ermee akkoord dat de aandelen teruggaan naar A I.V.A Holding BV.
door ondertekening van deze overeenkomst zal er door partijen over en weer geen claims meer ingediend worden en zal er in breedste zin des woords en kan er geen rechten meer ontleend worden aan iedere overeenkomst gesloten voor deze.