[gedaagde] c.s. voeren daartegen, zakelijk weergegeven, het volgende verweer.
Het relatiebeding uit de managementovereenkomst van 27 september 2005 is door het ondertekenen van de overeenkomst van 19 december 2012 komen te vervallen. [gedaagde] en Jocabus zijn daar dus niet meer aan gebonden.
Voor zover het beding nog zou gelden, dan heeft de curator van BBN geen belang bij nakoming daarvan omdat hij door BBN Techniek niet aangesproken kan worden op de beweerde overtreding door [gedaagde].
De curator van BBN kan geen nakoming vorderen van het concurrentie- en relatiebeding uit de overeenkomst van 19 december 2012. In artikel 8.3 is immer bepaald dat een boete niet aan BBN, maar aan Nogal Wibus wordt verbeurd.
De curator van Nogal Wibus heeft geen belang bij nakoming van dat beding. De boedel van Nogal Wibus wordt door de activiteiten van [gedaagde] op geen enkele wijze benadeeld. Het beding is aangegaan voor de achterblijvende c.q. opvolgende aandeelhouder(s) waarvoor de curator van Nogal Wibus niet kan optreden.
De curator van BBN en Nogal Wibus heeft überhaupt geen vordering jegens [gedaagde] c.s. omdat zij niet in verzuim zijn. De curator heeft [gedaagde] c.s. nimmer gesommeerd tot nakoming.
[eiseres] kan aan de overeenkomst van 19 december 2012 geen rechten ontlenen. Dat kan alleen Nogal Wibus zo blijkt uit artikel 8.3 van die overeenkomst.
[gedaagde] c.s. betwisten voorts bij gebrek aan wetenschap dat [eiseres] aandeelhouder is van BBN Techniek. Dat was zij in elk geval niet ten tijde van de activatransactie.
Ook al zou [eiseres] inmiddels aandeelhouder zijn, dan handelen [gedaagde] c.s. jegens haar niet onrechtmatig. Er heeft tussen BBN Techniek en [gedaagde] nimmer enige rechtsverhouding bestaan. Het staat [gedaagde] dan ook vrij om BBN te beconcurreren en daarbij gebruik te maken van persoonlijke goodwill en know how. [gedaagde] betwist dat hij zich grievend heeft uitgelaten over BBN Techniek.
[gedaagde] heeft een dringend belang om weer actief te worden in de beveiligingswereld. Hij is gedwongen door de financiële omstandigheden vertrokken bij BBN mede onder druk van een persoonlijke borgstellig van € 100.000,--. Die borgstelling is door het faillissement alsnog actueel geworden. [gedaagde] zal daarom aan het werk moeten. Het is hem niet gelukt om in een andere branche aan de slag te gaan.
[gedaagde] c.s. betwisten de door BBN Techniek gestelde schade. Het staat niet vast dat de klanten zijn vetrokken als gevolg van de acties van [gedaagde]. Het genoemde uurtarief is daarnaast ongeloofwaardig hoog en de schadeposten zijn niet onderbouwd.
De door de curator gevorderde voorschotten op boetes dienen vanwege het restitutierisico te worden afgewezen,