Presentanza heeft in conventie gevorderd:
I. P4P te veroordelen tot betaling van € 20.763,60 vermeerderd met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 15 oktober 2013 tot aan de dag der algehele voldoening,
II. althans P4P te veroordelen tot een ander in goede justitie te bepalen bedrag aan hoofdsom en rente;
III. P4P te veroordelen zich te onthouden van iedere inbreuk op de auteursrechten van Presentanza en derhalve het openbaarmaken en verveelvoudigen van die werken gestaakt en gestaakt te houden;
IV. P4P te veroordelen tot betaling van een dwangsom van € 20.000,= met een
maximum van € 200.000,= althans een door uw Rechtbank te bepalen dwangsom,
voor iedere overtreding per dag dat P4P met de gehele of gedeeltelijke
nakoming van het onder II en III gevorderde in gebreke zou blijven;
V. P4P te veroordelen tot betaling van de werkelijke kosten van dit geding
overeenkomstig artikel 1019h Rv, te vermeerderen met de nakosten een en ander te
voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis, en - voor het geval
voldoening van de (na)kosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt - te
vermeerderen met de wettelijke rente over de (na)kosten te rekenen vanaf bedoelde
termijn voor voldoening;
VI. P4P te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke kosten ad € 982,64,
te vermeerderen met de wettelijke rente over de buitengerechtelijke incassokosten
te rekenen vanaf de datum van dit exploot tot aan de dag der algehele voldoening.